BOND VAN DE GENERIEKE GENEESMIDDELENINDUSTRIE NEDERLAND
Zurich Toren

Bogin
Jan Pieterszoon Coenstraat 7
2595 WP Den Haag
Tel. +31(0)70 - 799 92 37
Fax +31(0)70 - 799 93 70
bogin@planet.nl

Routebeschrijving

Member of
EGA IGPA
Nieuw

Den Haag, 6 mei 2010

Bogin: generieke biologische geneesmiddelen bewezen veilig
Specialité geneesmiddelenbranche veroorzaakt onrust


De Bogin is van mening dat de Vereniging innovatieve geneesmiddelen Nederland (Nefarma) op onverantwoorde wijze het vertrouwen in biologische geneesmiddelen van generieke geneesmiddelenfabrikanten ter discussie stelt. De Nefarma waarschuwt in haar persbericht van 4 mei 2010 voor het wisselen van innovatieve biologische geneesmiddelen en biosimilars (generieke biologische geneesmiddelen). Volgens Nefarma heeft wisselen “onvoorspelbare gevolgen voor werking en bijwerking”.

Zelfde registratieprocedure
Frank Bongers, voorzitter Bogin: ‘Voor de registratie van generieke biologische geneesmiddelen dient de fabrikant een uitgebreid, aan het product aangepast registratiedossier in te dienen, waaronder ook klinische onderzoek gegevens. Dit dossier wordt zorgvuldig beoordeeld, net als dossiers van innovatieve biologische geneesmiddelen, door het Europese Medicines Agency (EMA). Bij elke registratie verklaart de EMA dat de geregistreerde producten qua werkzaamheid en veiligheidsprofiel vergelijkbaar zijn met het referentieproduct.’

Studies en ervaringen
‘Nieuwe biologische geneesmiddelen, geïntroduceerd na afloop van het patent van het referentieproduct, zijn betrouwbaar qua werking en bijwerking en essentieel voor het realiseren van noodzakelijke essentiële besparingen van de geneesmiddelenvoorziening. Dit wordt door toepassing in de praktijk verder bevestigd. Zoals bij elke medicatie met biologische middelen is natuurlijk een adequate begeleiding door de zorgverlener belangrijk. Bij de keuze van geneesmiddelen speelt naast kwaliteit en service, ook het keuzecriterium doelmatigheid een belangrijke rol. Bij vergelijkbare werking en bijwerking is dus de kostencomponent een belangrijke factor. Biologische geneesmiddelen van generieke geneesmiddelenfabrikanten dienen daarom op die basis de voorkeur.’


Den Haag, 9 juli 2009 

Europese Commissie wil generieke concurrentie stimuleren
BOGIN positief over uitkomsten onderzoek Europese Commissie 

Bogin (Bond van Generieke Geneesmiddelenfabrikanten in Nederland) is positief over de uitkomsten van het onderzoek van de Europese Commissie (EC) naar de problemen rondom de concurrentie in de farmaceutische sector. De Europese Commissie presenteerde op 8 juli in Brussel de resultaten en aanbevelingen. Eén van de uitkomsten is dat specialité fabrikanten een aantal instrumenten gebruikt om de commerciële levensduur van hun producten zo lang mogelijk probeert te verlengen om zo generieke geneesmiddelen uit de markt te houden. In het rapport wordt een aantal aanbevelingen gedaan om de generieke concurrentie in de Europese gezondheidszorg te vergroten en significante kostenbesparingen te realiseren. Bogin onderschrijft de conclusies en uitkomsten en dringt aan op een snelle invoering van de aanbevelingen van het onderzoek.

Snelle invoering
Bogin-voorzitter Frank Bongers: ‘Voor Bogin is het rapport van de EC zeer welkom. Uit het onderzoek blijkt onder meer dat er gaten in de wetgeving zijn die specialité fabrikanten mogelijkheden bieden om introducties van betaalbare, generieke geneesmiddelen te vertragen en tegen te houden. Daarom verwelkomt Bogin het belang dat de EC geeft aan de noodzaak van kwalitatief hoogwaardige patenten en de lat hoog wil leggen voor patentaanvragen. Hierdoor kan het zogenaamde ‘evergreening - het verlengen van patenten zonder aantoonbaar klinisch voordeel - worden voorkomen. Originators worden door het bestaan van alle patenten minder gestimuleerd om echt innovatieve geneesmiddelen te ontwikkelen. Het aanscherpen van de Europese wetgeving op vier terreinen - patenten, farmaceutische wetgeving, prijs- en vergoedingsregels en concurrentie - zal resulteren in een heldere, functionele farmaceutische markt voor heel Europa. Bogin dringt aan op een snelle implementatie van de aanbevelingen, want van 2009 tot 2020 zullen veel specialité producten uit patent vallen. Op Europees niveau bedraagt dit zo’n 90 miljard euro aan marktwaarde. Als deze geneesmiddelen als generiek, direct na patentafloop worden geïntroduceerd, levert dit kostenbesparingen op en garandeert een continue farmaceutische zorg in Europa. Echter, veel van die besparingen zullen verloren gaan als de aanbevelingen van de Commissie niet worden ingevoerd.’

De Europese Commissie vraagt de lidstaten dringend om:
- ervoor te zorgen dat er tijdens procedures geen verklaringen van derden zijn en dat deze hoe dan ook niet leiden tot vertragingen bij de goedkeuring van generieke middelen;
- de goedkeuringsprocedures voor generieke geneesmiddelen fors te versnellen. Zo vindt de Commissie bijvoorbeeld dat voor generieke producten de prijs en de vergoedbaarheid automatisch/onmiddellijk moeten worden geregeld wanneer die kwesties al voor het originator-geneesmiddel zijn geregeld. Daardoor zouden in bepaalde gevallen producten sneller op de markt kunnen komen;
- op te treden indien aan het licht komt dat op hun grondgebied misleidende informatiecampagnes lopen die twijfel zaaien over de kwaliteit van generieke geneesmiddelen;
-
de onderzoeken naar de toegevoegde waarde van nieuwe geneesmiddelen te stroomlijnen.

Persbericht Europese Commissie 
Persbericht EGA
----------------------------------------------------------------------------------------------------------
Noot voor de redactie:
Hieronder staat de volledige verklaring van de Bogin. Voor meer informatie kunt u contact opnemen met Bogin voorzitter Frank Bongers, tel 070 426 22 37, e-mail: bogin@planet.nl.



Den Haag, 20 april 2009

UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS starten eenzijdig preferentie systeem

De gevolgde procedure voor het preferentiebeleid van UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS (hierna te noemen UNIVE) voor nog eens elf geneesmiddelen is onacceptabel volgens de Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin). De aanbesteding voor het UNIVE preferentiebeleid sloot op 20 april om 14.00 uur. De preferentieperiode loopt van 1 juni 2009 tot en met 1 juli 2010. In het UNIVE preferentiebeleid zijn de belangen van de geneesmiddelenproducenten onvoldoende gewaarborgd. Verder is er sprake van eenzijdige invulling van verplichtingen aan de kant van de geneesmiddelenleveranciers en vrijblijvendheid aan de kant van de zorgverzekeraars.
Het is ook opmerkelijk dat UNIVE zich voortdurend heeft beklaagd over het bestaan van kortingen in de geneesmiddelenmarkt, maar nu zelf kortingen bedingt. Het Lange Termijnplan van minister Klink van VWS is er op gericht om meer prijsconcurrentie te stimuleren en niet functionele kortingen uit de markt te halen. Bogin steunt dit beleid van de minister ten volle en heeft daartoe ook voorstellen bij het Ministerie van VWS neergelegd. Het preferentiebeleid en ook de vorm die nu is gekozen voor de elf geneesmiddelen door UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS zijn een ernstige bedreiging voor de continuïteit van levering van generieke geneesmiddelen en het betaalbaar houden van de geneesmiddelenvoorziening in de toekomst. Generieke geneesmiddelen zorgen voor het betaalbaar houden van de geneesmiddelenvoorziening. Nu is al ruim 55% van de afgeleverde geneesmiddelen in Nederland een generiek geneesmiddel terwijl de kosten slechts ongeveer 10% van de totale geneesmiddelenkosten bedragen.


Bogin verklaring 20 April 2009

Bogin standpunt preferentiebeleid van UNIVE, VGZ, IZA, TRIAS per 1 juni 2009

UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS starten eenzijdig preferentie systeem

De Bogin heeft kennis genomen van de brief namens UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS (hierna te noemen UNIVE) van 18 maart 2009 waarin zij bekend maakt gezamenlijk per 1 juni 2009 voor elf geneesmiddelen preferentiebeleid te willen gaan voeren op basis van een speciale overeenkomst tussen de zorgverzekeraars en de geneesmiddelenfabrikanten van de elf geneesmiddelen. De preferentie periode loopt van 1 juni 2009 tot en met 1 juli 2010. Voor inschrijvingen door geneesmiddelenfabrikanten is er een speciale procedure opgesteld en moet er gebruik gemaakt worden van een daartoe opgesteld inschrijfformulier. De inschrijving is gesloten per 20 april 2009, 14.00 uur.
De Bogin maakt zich ernstig zorgen over deze wijze van uitvoering geven aan de rol van de zorgverzekeraar. De Bogin baseert zich hierbij op de genoemde brief van UNIVE alsmede de vraag- en antwoordlijst die door UNIVE is gepubliceerd op 6 april 2009.

De Bogin moet het volgende constateren:
         - De beschreven procedures zijn niet transparant en voldoen niet aan de gebruikelijke criteria voor het doen van dergelijke aanbestedingen. Objectieve controle is niet mogelijk en de geneesmiddelenfabrikant is geheel afhankelijk van de gegevens die de zorgverzekeraars zelf opstellen. Ook is er niet voorzien in enige vorm van rechtsbescherming in de aanbestedingsfase.

- De door de vier zorgverzekeraars gehanteerde procedure is eenzijdig opgesteld waarbij er feitelijk sprake is van een dubbele aanbesteding: een prijsopgave via de Taxe (de maandelijkse adviesprijslijst die wordt gehanteerd bij het bepalen van de vergoedingen voor de in Nederland beschikbare geneesmiddelen) en een prijsopgave onder couvert bij de vier zorgverzekeraars. De laagste couvertprijs voor een bepaald geneesmiddel is het voorkeursgeneesmiddel voor de bij de zorgverzekeraars aangesloten verzekerden voor de bepaalde periode.

          - De zorgverzekeraars verbinden eenzijdig aan de selectie een aantal voorwaarden. De geneesmiddelenfabrikanten kunnen geen voorwaarden aan hun eventuele aanbod verbinden, zij moeten een onvoorwaardelijk aanbod doen.
          - In geval van noodzakelijke prijsmutaties, door bijvoorbeeld stijging van grondstofprijzen, is er geen mogelijkheid deze door te berekenen.
          - In geval van prijsdalingen in de Taxe onder de couvertprijs of andere prijsverlagingen in de Taxe, bijvoorbeeld door andere leveranciers van hetzelfde geneesmiddel dat niet is geselecteerd, moeten er nieuwe onderhandelingen plaatsvinden tussen de zorgverzekeraars en de preferente fabrikant zonder dat hiervoor een goede procedure is beschreven. Indien niet binnen tien dagen na publicatie van bewuste Taxe overeenstemming is bereikt, vervalt de overeenkomst ‘op een nader door de verzekeraar te bepalen datum’. Een dergelijke eenzijdige bepaling is onbehoorlijk.
          - In de overeenkomst wordt een leveringsgarantie geëist voor de verzekerden van de zorgverzekeraars, zonder dat er ook een garantie is van afname van een overeengekomen volume van een betreffend geneesmiddel.
          - Ook wordt een garantie voor een houdbaarheid van minstens vijftien maanden verlangd, die logistiek gezien niet realistisch is.
          - In de overeenkomst wordt voorbijgegaan aan de logistieke processen en de kosten daarvan.
          - Er is geen enkele zekerheid dat de opgave door de zorgverzekeraar van de verkoop van het betreffende geneesmiddel ook daadwerkelijk is afgeleverd door de apotheker aan de patiënt. Dit wordt ook toegegeven door de zorgverzekeraar waarbij dit volgens de zorgverzekeraar behoort tot het ondernemersrisico. Het is dus zeer goed mogelijk dat er moet worden afgerekend voor geneesmiddelen die niet door de preferente geneesmiddelenleverancier zijn geleverd.

De Bogin is van mening dat de door UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS gevolgde procedure onacceptabel is. De belangen van de geneesmiddelenleveranciers zijn onvoldoende gewaarborgd en er is sprake van eenzijdige invulling van verplichtingen aan de zijde van de geneesmiddelenleverancier en vrijblijvendheid van de kant van de zorgverzekeraars. Het is ook opmerkelijk dat de zorgverzekeraars UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS zich voortdurend hebben beklaagd over het bestaan van kortingen op apothekersniveau en gepleit hebben voor een markt zonder niet functionele kortingen, maar nu zelf kortingen bedingen. Het lijkt er op dat UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS er nu belang bij hebben dat de Taxe prijs zo hoog mogelijk is (wordt) zodat er daadwerkelijk kortingen kunnen worden bedongen. Het Lange Termijnplan van minister Klink van VWS is er juist op gericht om meer prijsconcurrentie te stimuleren en ‘niet-functionele’ kortingen uit de markt te halen.
De Bogin steunt dit beleid van de minister ten volle en heeft daartoe ook voorstellen bij het ministerie neergelegd. Daarnaast is het niet duidelijk hoe de plannen van UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS uitwerken op apotheekniveau en of dit, zoals in 2008, een verhoging van de afleverkosten (receptregel) voor de apotheker tot gevolg heeft.

Tot slot concludeert de Bogin dat deze ontwikkeling een normale marktdynamiek, zoals voorzien in de plannen van de minister, in de weg staat. Het preferentiebeleid en ook de vorm die nu is gekozen voor de elf geneesmiddelen door UNIVE, VGZ, IZA en TRIAS zijn een ernstige bedreiging voor de continuïteit van levering van generieke geneesmiddelen en het betaalbaar houden van de geneesmiddelenvoorziening in de toekomst. Generieke geneesmiddelen zorgen voor het betaalbaar houden van de geneesmiddelenvoorziening. Nu is al ruim 55% van de afgeleverde geneesmiddelen in Nederland een generiek geneesmiddel terwijl de kosten slechts ongeveer 10% van de totale geneesmiddelenkosten bedragen.

Den Haag, 14 mei 2008
 
Zorgverzekeraars schenden vertrouwen: Bogin zegt Transitieakkoord op
Zorgverzekeraars voelen zich niet gehouden aan akkoord en laten Bogin geen keus 

De Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) zegt per direct het Transitieakkoord farmaceutische zorg op. Het Transitieakkoord is 17 september 2007 gesloten door Bogin, KNMP, Zorgverzekeraars Nederland, Nefarma en het Ministerie van VWS en zou gelden tot en met 31 december 2009. In 2008 en 2009 waren door partijen aanzienlijke besparingen overeengekomen. Hieraan heeft Bogin, evenals in het verleden, substantieel bijgedragen. De individuele de zorgverzekeraars vinden echter dat zij niet gebonden zijn aan de afspraken van het Transitieakkoord en worden daarin ten dele gesteund door rechterlijke uitspraken. Individuele zorgverzekeraars breiden in strijd met letter en geest van het Transitieakkoord het preferentiebeleid uit. Overeengekomen was dat het preferentiebeleid tot drie producten beperkt zou blijven. De uitbreiding van het preferentiebeleid en de wijze waarop heeft grote negatieve gevolgen voor de generieke geneesmiddelenindustrie. Nu de zorgverzekeraars een door Bogin voorgesteld alternatief tot aanzienlijke verdere besparing van de hand hebben gewezen, heeft Bogin geen andere keus dat uit het Transitieakkoord te stappen. 

Besparingen
Bogin voorzitter drs. Frank Bongers: ‘Bogin is een van de initiatiefnemers van het eerste convenant in 2004 en heeft zich ingespannen om mee te werken aan het beheersbaar houden van de uitgaven op de farmaceutische zorg door het eerste en de daarop volgende convenanten en nu het Transitieakkoord. Hierdoor zijn belangrijke besparingen in het verleden gerealiseerd, in 2008 lopen de besparingen op tot ruim 1,3 miljard Euro en in 2009 was meer dan 1,4 miljard voorzien. Daarnaast is in het Transitieakkoord een stappenplan voorzien om de overgang van een gereguleerde markt naar een meer vrije markt in 2010 mogelijk te maken. De basis hiervoor is vastgelegd in de lange termijn visie van de Minister van VWS van 15 januari 2008. Recent heeft de Bogin aan VWS en de overige Transitieakkoord partijen een alternatief voorgesteld door aan te bieden een extra prijsdaling door te voeren van 300 miljoen euro. Hierdoor zal versneld invulling gegeven worden aan de lange termijn visie van de Minister en worden de financiële doelstellingen voor de komende twee jaar ruim gerealiseerd zonder verdere verstoring van de markt. Een aantal zorgverzekeraars wil het preferentiebeleid verder uitbreiden dan in het Transitieakkoord is vastgelegd. Ook zijn zorgverzekeraars van mening dat zij, ondanks het feit dat namens hen het Transitieakkoord is ondertekend door de koepelorganisatie Zorgverzekeraars Nederland, niet gebonden zijn aan de afspraken in het Transitieakkoord. De rechter heeft dat in zijn voorlopige oordeel bevestigd. Naar het oordeel van de rechter is het een beleidsmatige keuze als de zorgverzekeraars de intentie van het Transitieakkoord niet langer willen onderschrijven. Daardoor is voor Bogin feitelijk de basis van het Transitieakkoord niet meer aanwezig.  

Gevolgen

De uitbreiding van het preferentiebeleid heeft grote gevolgen voor de generieke geneesmiddelenindustrie in Nederland. Zorgverzekeraars zullen slechts één geneesmiddel, of soms een zeer beperkt aantal vergoeden. Hierdoor worden andere leveranciers van generieke geneesmiddelen voor zes, negen of zelfs twaalf maanden uitgesloten voor bepaalde producten in de markt en komt de continuïteit van de levering van generieke geneesmiddelen op termijn in gevaar. Zonder dat er een garantie is dat de leverancier van het goedkoopste geneesmiddel de hele markt kan voorzien. De overige leveranciers blijven met onverkoopbare voorraden zitten. Deze situatie werkt monopolies in de hand, met op den duur het risico dat kosten van de geneesmiddelenvoorziening stijgen. De gevolgen voor de Bogin-leden zijn dermate groot dat wij genoodzaakt zijn om het Transitieakkoord op te zeggen.’

Den Haag, 2 april 2008

Continuïteit levering generieke geneesmiddelen in gevaar
Verzekeraar kiest per product één aanbieder

Na het niet bereiken van overeenstemming tussen partijen over de problematiek rondom de kortingen en bonussen van apothekers, hebben verschillende zorgverzekeraars besloten om individueel preferentiebeleid te gaan invoeren. Zorgverzekeraar Uvit heeft reeds een lijst met 26 productcategorieën opgesteld waarbinnen uitsluitend het middel met de laagste prijs wordt vergoed. Hieronder bevinden zich geneesmiddelen waarvan de kortgedingrechter in Breda in januari van dit jaar oordeelde dat individueel preferentiebeleid ontoelaatbaar is. Uvit vergoedt voor haar verzekerden slechts één geneesmiddel van één aangewezen leverancier, tenzij er ook nog een andere leverancier is met eenzelfde prijs, voor de periode van 12 maanden. Bovendien moet elke leverancier vooraf verklaren de gehele (relevante) markt te kunnen voorzien. Door deze maatregel, en mogelijk eenzelfde beleid van andere verzekeraars, wordt in de toekomst de continuïteit van levering van generieke geneesmiddelen in gevaar gebracht. Generieke geneesmiddelen zorgen voor forse besparingen op het gebied van geneesmiddelenkosten.


Geneesmiddelenmarkt in gevaar
Bogin voorzitter drs. Frank Bongers: ‘Het is belangrijk te melden dat door dit besluit van de zorgverzekeraar de continuïteit van levering van generieke geneesmiddelen onder druk komt te staan. Het is een stap die mogelijk door meer zorgverzekeraars zal worden gevolgd, want daar zijn duidelijke indicaties voor. Dit kan leiden tot uitsluiting van alle leveranciers, met uitzondering van de preferente leverancier, voor een product of een lijst van producten voor een periode van telkens één jaar. Overige aanbieders kunnen hun voorraden niet meer verkopen en/of deze moeten afbouwen en niet meer aanvullen. Op korte termijn zal het onmogelijk zijn om die generieke geneesmiddelen weer beschikbaar te krijgen voor de Nederlandse markt. Daarnaast is het onbegrijpelijk is dat de zorgverzekeraars kennelijk niet bereid zijn de uitspraak in hoger beroep van het Hof Den Bosch (verwacht op 22 april) af te wachten, maar maatregelen nemen die voor de generieke industrie grote gevolgen hebben. Geen enkel Europees land wil afhankelijk zijn van één leverancier voor een geneesmiddel. Bovendien worden door dit systeem oligopolies of monopolies geschapen, waardoor prijsverhogingen op termijn realistisch zijn. In een dergelijke situatie zullen de beoogde kostenbesparingen niet worden behaald. Deze ontwikkeling is niet goed voor een stabiele geneesmiddelenvoorziening voor patiënten. Generieke geneesmiddelen zorgen al jaren voor aanzienlijke besparingen in de kosten van de geneesmiddelenvoorziening, wat resulteert minder premiestijging voor verzekerden.'



Den Haag, 4 januari 2008 

Zorgverzekeraars teruggefloten door de rechter
 
Uitspraak kortgeding Bogin – Zorgverzekeraars Nederland 

De Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) is verheugd dat de voorzieningenrechter in het kortgeding vonnis van 4 januari 2008 van de Bogin tegen Zorgverzekeraars Nederland (ZN) en aantal leden van ZN die gezamenlijk preferentiebeleid uitvoeren, heeft besloten dat uitbreiding van het gezamenlijke preferentiebeleid als ontoelaatbaar moet worden bestempeld.  

Bogin-voorzitter drs. Frank Bongers: ‘In de uitspraak van de voorzieningenrechter is de eis van de Bogin toegewezen dat er sprake was van uitbreiding van het gezamenlijke preferentiebeleid en dat dit niet toelaatbaar is. Dit is in lijn met de afspraken in het Transitieakkoord. Als het nieuwe preferentiebeleid producten betreft die door minder dan de helft van de betrokken zorgverzekeraars wordt gevoerd, is de rechter voorlopig van oordeel dat dit toelaatbaar is. De Bogin is van mening dat op dit punt de rechter de afspraken in het Transitieakkoord te ruim interpreteert. Wij beraden ons op mogelijke verdere juridische stappen.’ 

De rechter heeft de eis betreffende de foute procedure over het al bestaande gezamenlijke preferentiebeleid afgewezen. Bongers: ‘De Bogin betreurt dit. In dergelijke procedures waarbij 75% van de markt is betrokken en het belang dus erg groot is, mag verwacht worden dat een procedure foutloos wordt uitgevoerd.’ 

De rol van de taxe en de mededingingsrechtelijke aspecten heeft de voorzieningenrechter vooralsnog in het midden gelaten omdat hij hierover te weinig informatie tot zijn beschikking had, respectievelijk van mening is dat het hier om een zaak tussen partijen gaat.



eurobiljetten_small_400

Den Haag, 17 september 2007

Ruim 2,7 miljard besparingen in twee jaar door Transitieakkoord farmaceutische zorg
Voorzitter Bogin: overgang naar nieuwe marktverhoudingen per 2010

Op 17 september hebben Bogin, KNMP, Zorgverzekeraars Nederland, Nefarma en het Ministerie van VWS het Transitieakkoord farmaceutische zorg 2008/2009 gesloten. Het Transitieakkoord geldt tot en met 31 december 2009 en bouwt voort op de afspraken van Geneesmiddelenconvenant 2006/2007. Bovenop de besparingen van 971 miljoen euro uit het convenant (2007) moet het transitieakkoord in 2008 additioneel 340 miljoen euro (totaal 1,3 miljard) en in 2009 additioneel 456 miljoen euro (totaal 1,4 miljard) aan besparingen opleveren. Belangrijk voor Bogin is dat tevens is vastgelegd dat introducties van bestaande moleculen met nieuwe toedieningsvormen zonder klinische relevante meerwaarde hetzelfde worden behandeld met betrekking tot de vergoeding als de vergelijkbare producten zonder patent.


Stappenlan
Onderdeel van het transitieakkoord is een stappenplan naar 2010 dat de transitie van aanbodregulering naar vraagsturing moet bewerkstelligen. De beoogde situatie met meer marktwerking is gericht op het bevorderen van kwaliteit en doelmatigheid, waardoor de kosten van de geneesmiddelenvoorziening betaalbaar moeten worden gehouden. In december 2007 wordt het stappenplan vastgesteld dat weergeeft hoe de transitie naar nieuwe marktverhoudingen verantwoord kan plaatsvinden. Bogin-voorzitter drs. Frank Bongers: ‘Waar mogelijk wordt centrale regelgeving afgeschaft volgens het motto ‘dereguleren waar het kan, reguleren waar het moet’. Bogin is verheugd dat de vijf partijen - na lange onderhandelingen - dit Transitieakkoord hebben gesloten. Het is belangrijk dat het voordeel van lagere prijzen van geneesmiddelen terecht komt bij de patiënt.  En dat er duidelijke afspraken zijn gemaakt om in de komende twee jaar daadwerkelijk de noodzakelijke stappen te zetten naar meer - gereguleerde - marktwerking. Doelmatige marktwerking, die voor de patiënt de juiste geneesmiddelen tegen de juiste prijs moet garanderen en ervoor zorgt dat de levering van de noodzakelijke geneesmiddelen gegarandeerd is.’ Meer informatie


Archief

Nieuwe website Bogin gelanceerd
NMa-onderzoek: geen aanwijzingen onderlinge prijsafspraken fabrikanten generieke geneesmiddelen

Prijzen generieke geneesmiddelen met 40% omlaag
Bogin verliest hoger beroep Fluoxetine-zaak
Bogin steunt KNMP-voorstel. Lagere declaratieprijs simvastatine
Bogin in hoger beroep tegen uitspraak Groningse rechtbank
Bogin
verliest kort geding tegen Geové RZG
Bogin daagt Geové RZG voor rechter, Voorzitter Bongers: Onrechtmatige regeling voor antidepressivum 
Bogin: KNMP gaat op stoel zorgverzekeraars zitten, Voorstel maximum geneesmiddelenprijs in strijd met overheidsbeleid 
Productie geneesmiddelen door zorgverzekeraars verbazingwekkend, Bogin pleit al jaren voor lagere geneesmiddelenprijzen 
Frank Bongers per 1 januari 2002 nieuwe voorzitter Bogin


Nieuwe website Bogin gelanceerd


Per 30 maart 2007 is de nieuwe website van de Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) online. Op www.bogin.nl kan men terecht voor nieuws en achtergronden omtrent generieke geneesmiddelen en de farmaceutische markt. Daarnaast worden de rol en doelstellingen van Bogin uitgelegd en wordt een overzicht gegeven van hetgeen in Europees verband op gebied van generieke geneesmiddelen plaatsvindt. Ook is de nieuwsbrief van Bogin in PDF-formaat te bekijken en heeft men toegang tot persberichten en een activiteitenkalender. De website is eenvoudig te navigeren en biedt toegang tot up-to-date cijfers & getallen, onderzoeksgegevens en nieuwspagina’s van relevante organisaties binnen de gezondheidszorg. Bogin telt acht leden waarmee zij ruim 80% van de generieke geneesmiddelenindustrie in Nederland vertegenwoordigt.


NMa-onderzoek: geen aanwijzingen onderlinge prijsafspraken fabrikanten generieke geneesmiddelen

Den Haag, 8 augustus 2006

NMa-onderzoek: geen aanwijzingen onderlinge prijsafspraken fabrikanten generieke geneesmiddelen
De Nederlandse Mededingingsautoriteit (NMa) heeft vandaag haar onderzoek naar mededingingsbeperkend gedrag van een aantal fabrikanten van generieke geneesmiddelen en branchevereniging Bogin beëindigd. NMa startte het onderzoek in september 2003 en heeft in januari 2004 bedrijfsbezoeken afgelegd bij Bogin en een aantal Bogin-leden. Het tot nu toe verrichte onderzoek gaf geen aanleiding tot verdere voortzetting ervan. Het NMa-onderzoek toonde aan dat er geen aanwijzingen zijn dat er onderlinge prijsafspraken tussen fabrikanten van generieke geneesmiddelen bestaan. NMa ziet daarom af van verder onderzoek.  Bogin-voorzitter Frank Bongers: ‘Bogin heeft bij de start van dit onderzoek in 2004 al direct aangegeven dat er geen sprake was van prijsafspraken binnen de generieke geneesmiddelenindustrie. We zijn als branche blij met het onderzoeksresultaat en kunnen daarom tevreden constateren dat het bijna drie jaar durende NMa-onderzoek dit bevestigt.’


Prijs generieke geneesmiddelen met 40% omlaag
Voorzitter Bogin: zelfde kwaliteit tegen lagere prijs

Op 13 februari 2004 hebben de achterbannen van Bogin, KNMP, Zorgverzekeraars Nederland en VWS een convenant gesloten. Hierin is overeengekomen dat de prijzen van generieke geneesmiddelen, gemiddeld inclusief claw-back, verlaagd worden met 40%. 
Het convenant - dat tot en met 1 januari 2005 loopt met de mogelijkheid van verlenging met 1 jaar - is een eerste stap op weg naar prijsconcurrentie en transparantie van de geneesmiddelenmarkt. De bestaande kortingen en bonussen voor apothekers worden vervangen door prijsverlagingen. Dit in combinatie met lokale onderhandelingen tussen verzekeraars en handhaving van een claw-back van 6,82% moet in 2004 € 622 miljoen en in 2005 € 685 miljoen aan besparingen opleveren.


Besparingen
Bogin-voorzitter drs. Frank Bongers: ‘De lagere prijs van generieke geneesmiddelen maakt belangrijke besparingen in het geneesmiddelenbudget mogelijk. De margeconcurrentie wordt vervangen door prijsconcurrentie, waardoor generieke geneesmiddelen ook zichtbaar en merkbaar goedkoper worden. Generieke geneesmiddelen voldoen aan dezelfde kwaliteitseisen als het vergelijkbare merkgeneesmiddel en kunnen na patentafloop van het merkgeneesmiddel tegen een duidelijk lagere prijs op de markt worden gebracht. De besparingen kunnen weer geïnvesteerd worden in de zorg, bijvoorbeeld in nieuwe innovatieve geneesmiddelen. Het generieke geneesmiddel draagt zo bij aan het bevorderen van innovatie. 
In het convenant is ook aandacht voor het bevorderen van het voorschrijven op stofnaam en het tenminste handhaven van het huidige substitutieniveau. Belangrijk is dat nu verdere stappen worden genomen. Alle partijen zijn het erover eens dat de huidige margeconcurrentie moet verdwijnen en plaats moet maken voor gereguleerde marktwerking en prijsconcurrentie. 
Bogin wil uiteindelijk een marktsituatie bereiken waarbinnen prijsconcurrentie een normale rol speelt. Partijen zullen daarover nog verder overleg plegen. Met het convenant is een stap in de goede richting - die van gereguleerde marktwerking - gezet.’ 
 


Terug

Bogin verliest hoger beroep fluoxetine-zaak


Bogin heeft het hoger beroep bij het gerechtshof te Leeuwarden tegen de uitspraak van de Groningse rechtbank van 13 december 2002 inzake het kort geding tegen Geové RZG verloren. Op 23 april 2003 heeft het gerechtshof de bezwaren van Bogin tegen de regeling van Geové RZG inzake generiek fluoxetine afgewezen. Geové RZG mag apothekers verplichten uitsluitend de generieke variant van het antidepressivum fluoxetine met de laagste Taxe-vermelding aan patiënten te verstrekken.Bogin is van mening dat haar leden ernstig benadeeld worden door de regeling van Geové RZG. De bond vindt het onbegrijpelijk dat de dure specialité-versie van fluoxetine, Prozac, gewoon vergoed blijft worden. Dit wijkt af van het substitutiebeleid van de overheid en werkt zowel kostenverhogend als marktverstorend.Daarnaast hanteert Geové RZG het ‘laagste prijs-principe’, een mechanisme dat door de overheid juist is losgelaten. Geové RZG baseert haar prijzen op de Taxe, een tarieflijst voor apothekers. Deze Taxe is strijdig met het Europese mededingingsrecht.

13 mei 2003


Bogin steunt KNMP-voorstel

Lagere declaratieprijs simvastatine 

De Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) in Haarlem steunt de oproep van de KNMP van 12 mei j.l. tot het declareren van een lagere prijs voor cholesterolverlager simvastatine. De markt voor generieke geneesmiddelen is sterk competitief. De bestaande regelgeving is gericht op het behalen van kortingen en bonussen door apothekers en kenmerkt zich daardoor door een sterke margeconcurrentie. Het daadwerkelijke prijsniveau ligt dan ook duidelijk onder het vergoedingsniveau. Er is voldoende ruimte voor de apotheker - die bij de zorgverzekeraar declareert - een lagere vergoedingsprijs af te spreken.
 Bogin-voorzitter Frank Bongers: ‘Bogin is voorstander van een systeem waarin prijsconcurrentie kan plaatsvinden. Voorwaarde is dat hiertoe in de markt de mogelijkheid wordt geboden. Bogin heeft in het verleden meerdere voorstellen hiervoor gedaan.Het is wel noodzakelijk dat bestaande regelgeving door de overheid wordt aangepast. Overigens is het tegenstrijdig dat in het huidige systeem ook het originele middel tegen de hogere prijs wordt vergoed.’ 


Vergoedingssysteem

Bongers: ‘De huidige geneesmiddelenmarkt kenmerkt zich door zeer uitvoerige regelgeving. Deze regels hebben er ondermeer toe geleid dat de apotheekhoudenden als deel van hun inkomen kortingen in de markt moeten behalen. Deze maatregel is zeer effectief gebleken en heeft ook geleid tot aanpassingen van het systeem waardoor een deel van de kortingen wordt teruggehaald door een ‘clawback’. De opbrengst van deze clawback heeft inmiddels al een besparing van ongeveer 200 miljoen euro opgeleverd.’ 


Besparingen

‘Na het aflopen van patenten, zoals van simvastatine, worden kortingen gegeven over het generieke geneesmiddel,’ vertelt Bongers. ‘Voor simvastatine liggen die op een dusdanig niveau dat de apotheker vergoedingsprijzen kan afspreken op het niveau van het simvastatine van Genthon. Hierdoor kunnen de beoogde besparingen op simvastatine worden gerealiseerd. In geval van ongewenste negatieve effecten op de inkomenspositie van de apotheekhoudenden is het voor de hand liggend dat die worden opgelost door discussie tussen KNMP, zorgverzekeraars en het ministerie van VWS. Het is hard nodig dat de regelgeving - die nu margeconcurrentie ondersteunt en bevordert - wordt vervangen door regelgeving die prijsconcurrentie stimuleert. De eerste stappen hiertoe zouden per 1 januari 2003 worden gezet, maar zijn door het ministerie van VWS uitgesteld.’


 

9 januari 2003


Bogin in hoger beroep tegen uitspraak Groningse rechtbank

 De Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) gaat in hoger beroep tegen de uitspraak van 13 december 2002 van de Groningse rechtbank in het kort geding tegen Geové RZG. Geové RZG mag apothekers voortaan verplichten uitsluitend de generieke variant van het antidepressivum fluoxetine met de laagste Taxe-vermelding aan patiënten te verstrekken.Bogin is van mening dat haar leden ernstig worden benadeeld door de regeling van Geové RZG. De bond vindt het onbegrijpelijk dat de dure specialité-versie van fluoxetine, Prozac, gewoon vergoed blijft worden. Dit wijkt af van het substitutiebeleid van de overheid en werkt zowel kostenverhogend als marktverstorend. Daarnaast hanteert Geové RZG het ‘laagste prijs-principe’, een mechanisme dat door de overheid juist los is gelaten. Geové RZG maakt hierbij gebruik van de Taxe, een tarieflijst voor apothekers die strijdig is met het Europese mededingingsrecht.


Terug

13 december 2002


Bogin verliest kort geding tegen Geové RZG

Voorzitter Bongers: Uitspraak leidt tot kostenverhoging en marktverstoring 

Het kort geding dat de Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) had aangespannen tegen zorgverzekeraar Geové RZG is op 13 december in het voordeel van Geové RZG beslist. Aanleiding voor het kort geding, dat woensdag 27 november j.l. voor de Groningse rechtbank diende, is de aangekondigde regeling van Geové RZG om apothekers te verplichten uitsluitend de generieke variant van het antidepressivum fluoxetine met de laagste Taxe-vermelding aan patiënten te verstrekken. Bogin beschouwt de regeling als onrechtmatig aangezien deze strijdig is met de wetgeving en een marktverstorende uitwerking heeft op marktpartijen. De Taxe is volgens Bogin geen maat voor de daadwerkelijke prijzen en mag en kan daarom niet worden gebruikt worden voor selectie van de laagste prijs. 

Kostenverhogend
Bogin-voorzitter drs. Frank Bongers: ‘Bogin betreurt de uitspraak en is van mening dat onvoldoende duidelijk is geworden voor de rechter dat de regelgeving met betrekking tot geneesmiddelenvergoedingen te complex is geworden. Behalve dat de Taxe geen maat is voor daadwerkelijke prijzen, vormt deze uit oogpunt van mededinging per 1 januari 2003 een niet-toegestane lijst. De rechter vond dit laatste argument onvoldoende benadrukt en buiten het kader van het kort geding liggen. Wij menen dat de rechter onvoldoende oog heeft voor de complexe aspecten en gevolgen van de bestaande regelgeving die - zoals bekend bij en onderkend door de overheid - heeft geleid tot de margeconcurrentie.Opmerkelijk is dat het specialité Prozac van de rechter, indien voorgeschreven, volledigvergoed mag en moet worden. Dit is afwijkend van het substitutiebeleid van de overheid en werkt zowel kostenverhogend als marktverstorend. Er bestaat namelijk geen verschil tussen Prozac (stofnaam fluoxetine) en de generieke versie van fluoxetine. Bogin beraadt zich momenteel over stappen voor een hoger beroep.’


 

 29 november 2002

Bogin daagt Geové RZG voor rechter
Voorzitter Bongers: Onrechtmatige regeling voor antidepressivum 

De Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) heeft een kort geding aangespannen tegen zorgverzekeraar Geové RZG. Aanleiding voor het kort geding, dat woensdag 27 november j.l. voor de Groningse rechtbank diende, is de aangekondigde regeling van Geové RZG om apothekers te verplichten uitsluitend de  generieke variant van het antidepressivum fluoxetine met de laagste Taxe-vermelding aan patiënten te verstrekken. Bogin beschouwt de regeling als onrechtmatig aangezien deze strijdig is met de wetgeving en een marktverstorende uitwerking heeft op marktpartijen. De Groningse rechtbank doet volgende week uitspraak. 

Risico
Bogin-voorzitter drs. Frank Bongers: ‘We hebben begrip voor het streven van Geové RZG om daadwerkelijk lagere prijzen te betalen voor geneesmiddelen. Bogin zelf pleit al jaren voor lagere declaratieprijzen voor de apotheker  voor generieke geneesmiddelen. Alleen is de opgelegde regeling de verkeerde manier. De zorgverzekeraar heeft op basis van de Taxe - een tarieflijst voor de declaraties van apothekers aan de zorgverzekeraar en dus geen prijslijst - een  aanbieder van fluoxetine geselecteerd. De Taxe is echter niet geschikt voor deze wijze van selecteren. Daarnaast worden de andere generieke leveranciers uitgesloten van levering. Opmerkelijk hierbij is dat Geové RZG de dure specialité-versie van fluoxetine, Prozac, gewoon blijft vergoeden. Geové RZG zou voor inkoopafspraken in onderhandeling moeten treden met individuele apothekers. De keuzebevoegdheid ligt volgens de wetgeving tenslotte bij artsen en apothekers.’ 

Margeconcurrentie
‘Het verschil in declaratieprijs voor de apotheker tussen een merkgeneesmiddel en de generieke versie is niet groot als gevolg van wet- en regelgeving,’ stelt Bongers. Bogin is voorstander van marktwerking en prijsconcurrentie. Dit is echter pas mogelijk als de aangekondigde deregulering, die opnieuw vertraagd is, wordt doorgevoerd.’


Terug
 

10 oktober 2002


Bogin: KNMP gaat op stoel zorgverzekeraars zitten

Voorstel maximum geneesmiddelenprijs in strijd met overheidsbeleid 

De Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) in Haarlem neemt nadrukkelijk afstand van het recente voorstel van de KNMP - de belangen-organisatie van apothekers - om een maximum prijs in te stellen voor generieke (octrooivrije) geneesmiddelen. Deze prijs zou 25 tot 30% onder het huidige prijsniveau moeten liggen. Volgens Bogin staat het voorstel haaks op het overheidsbeleid om de prijzen van generieke geneesmiddelen in de toekomst vrij te laten om zo prijsconcurrentie mogelijk te maken. Daarnaast worden de zorgverzekeraars in hun regiefunctie ten aanzien van de liberalisering van de geneesmiddeleninkoop gepasseerd.
 

Bevriezen
Voorzitter Bogin, drs. Frank Bongers: ‘De Bogin pleit al jaren voor lagere marktprijzen voor generieke geneesmiddelen. Hiertoe heeft zij intensief contact met het ministerie van VWS en de zorgverzekeraars. Het voorstel van de KNMP bevriest in feite het beleid dat de overheid heeft ingezet om van margeconcurrentie tot prijsconcurrentie te komen. Door de prijzen voor generieke geneesmiddelen op een lager niveau te fixeren handhaaft men de bestaande situatie van margeconcurrentie. Bij margeconcurrentie moeten fabrikanten concurreren op basis van bonussen en kortingen in plaats van op prijs. Bogin vindt daarnaast dat de KNMP op de stoel van de zorgverzekeraars gaat zitten. In het kader van de deregulering zijn zorgverzekeraars per 1 januari 2003 verantwoordelijk voor het geneesmiddelenbudget.’


 

29 augustus 2002

Productie geneesmiddelen door zorgverzekeraars verbazingwekkend
Bogin pleit al jaren voor lagere geneesmiddelenprijzen 

De Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland (Bogin) in Haarlem heeft met verbazing kennis genomen van recente berichtgeving dat Zorgverzekeraars Nederland (ZN) gaat starten met de productie van generieke (d.w.z. octrooivrije) geneesmiddelen. Bogin onderhoudt intensief contact met ZN, onder meer over de hoogte van geneesmiddelenprijzen in Nederland. Bogin stelt dat de te hoge geneesmiddelen-prijzen met name een gevolg zijn van  de wet- en regelgeving van de overheid.  De Bogin wil al jaren lagere marktprijzen voor generieke geneesmiddelen.
 


Niet realistisch

Voorzitter Bogin, drs. Frank Bongers: ‘De plannen van ZN om zelf de productie ter hand te nemen om geneesmiddelenprijzen te doen dalen, lijken ons niet realistisch. ZN heeft geen expertise wat betreft productie en logistiek, ook ontbeert zij vooralsnog de nodige kennis. Bovendien is de poging weinig zinvol als de huidige wet- en regelgeving en daarmee het systeem van margeconcurrentie onveranderd blijft.’Het prijsverschil tussen een merkgeneesmiddel en de generieke versie is niet groot als gevolg van wet- en regelgeving. Dit dwingt de geneesmiddelenmarkt tot margeconcurrentie, zodat fabrikanten moeten concurreren op basis van bonussen en kortingen in plaats van op prijs. ‘De regelgeving - waaronder het systeem van vaste vergoedingslimieten (GVS) - heeft dit in de hand gewerkt,’ stelt Bongers. ‘Een fabrikant kan zijn prijs wel verlagen, maar hij zal hiermee geen afzet realiseren, aangezien dit voor alle andere marktpartijen financieel niet interessant is.’ 


Zorgverzekeraars steunen

Bongers: ‘Alleen door het opheffen van de belemmeringen in huidige wet- en regelgeving kan een einde aan margeconcurrentie worden gemaakt. Bogin heeft voorstellen gedaan die kunnen leiden tot prijsverlaging, op voorwaarde dat de plannen voor deregulering daadwerkelijk worden doorgevoerd en de zorgverzekeraars de door de overheid toebedeelde taken gaan uitoefenen. Bogin is al jaren bereid mee te werken aan lagere prijzen voor generiek en wil zorgverzekeraars steunen bij het formuleren van eigen beleid om lagere prijzen te realiseren.’


Terug
 

14 december 2001
 

Frank Bongers per 1 januari 2002 nieuwe voorzitter Bogin

 Per 1 januari 2002 is drs. P.F. (Frank) Bongers (56) de nieuwe voorzitter van de Bond van de Generieke Geneesmiddelenindustrie Nederland, Bogin, in Haarlem. Hij volgt daarmee René A.M. Numan op die sinds 1993 deze functie vervulde. Numan, die op eigen verzoek terugtreedt, stelt dat het tijd is om met nieuwe inzichten en een andere aanpak de belangen van de generieke geneesmiddelensector verder uit te dragen. Hij blijft nog enige tijd beschikbaar voor Bogin als adviseur. Bogin vertegenwoordigt met negen leden ruim 80% van de generieke geneesmiddelenindustrie in Nederland.


Uitbouwen

Bongers was tot voor kort Managing Director van geneesmiddelenfabrikant SmithKlineBeecham in Rijswijk en kan bogen op langjarige en brede ervaring in de Nederlandse en Europese geneesmiddelenmarkt.Numan over zijn achtjarig voorzitterschap: ‘In mijn functie heb ik Bogin inhoudelijk op de kaart kunnen zetten. De bond is inmiddels een gewaardeerde gesprekspartner bij de vele vraagstukken op het  gebied van de geneesmiddelenvoorziening. Ook op het Europese vlak heb ik als bestuurslid van de EGA - onze internationale organisatie -  mij ingezet om het generieke geneesmiddel in de Europese wet- en regelgeving zijn rechtmatige plaats te bezorgen.’