Algemeen

 

                

 

Bogin persberichten

 

23 november 2017
Aanpak vervalste medicijnen kost 17 cent per verpakking
Invoering FMD risico beschikbaarheid generieke geneesmiddelen

 

22 juni 2015

Apotex – Bogin symposium 2015
1e lijnszorg aan zet - Uitdaging: meer doen met minder geld
 

27 januari 2014
Generieke industrie kan tekorten Ranbaxy slechts enkele weken opvangen
Bogin: preferentiebeleid moet op de helling


28 februari 2013

Bogin steunt aanbevelingen verkenners extramurale farmacie

9 januari 2013

Martin Favié nieuwe voorzitter Bogin

 

9 november 2010 
Preferentiebeleid zorgverzekeraars oorzaak leveringsproblemen geneesmiddelen  

Artikelen / Columns / Interviews 

Parool, 3 april 2018
Goedkoop is duurkoop bij merkloze medicijnen
Geneesmiddelen: Apothekers moeten steeds vaker nee verkopen


PW, 22 maart 2018
'Met biosimilars potentieel € 350 miljoen besparen’
KNMP-regiobijeenkomsten in teken van geneesmiddelsubstitutie

Persbericht Berenschot, 7 maart 2018
Versoepeling preferentiebeleid is gewenst 

Pharmaceutisch Weekblad, 16 februari 2018
Kankertherapie stuk goedkoper met de komst van biosimilars
4 gelijkwaardige varianten in aantocht voor borstkankermiddel trastuzumab 

ZonMW, nummer 67, januari 2018
Ontwikkelingen in ronde Drug Rediscovery
Column Martin Favié

knmp.nl, 11 januari 2018
KNMP-regiobijeenkomsten 2018 in teken van geneesmiddelsubstitutie

ZonMW, nummer 66, november 2017
Martin Favié: Drug Rediscovery

Follow the money, 13 juli 2017
Wat maakt onze zorg zo duur? - Welke prijs betalen we voor goedkope medicijnen?

Europese Commissie, 26 juni 2017
Wat moet ik weten over biosimilars een informatiedocument voor patiënten

FD, 15 juni 2017
'Toekomst van Nederlandse farma ligt in ingewikkelde dingen'

Medicijnbalans, 1 juni 2017
Zonder goede informatie gaat het niet lukken

pw.nl 31 mei 2017
CBG-publieksfolder over spécialité en generiek

PW, 12 mei 2017
Driekwart van medicijnen generiek verstrekt

Het FD, 11 mei 2017
Kabinet signaleert 'te lage medicijnprijzen'

PW, 14 april 2017
Veiligheid en effectiviteit van biosimilars in de oncologie 

Zorgvisie, 7 april 2017
Maartenskliniek bespaart miljoenen met biosimilars

NVZA Toolbox Biosimilars, 7 april 2017
Een praktische handleiding voor succesvolle implementatie van biosimilars in de medisch specialistische zorg

Clinical Pharmacist, 9 jan 2017
Why biosimilars should be interchangeable with biologics

KNMP, 21 februari 2017
Katja Kok-van Oirschot biedt Tweede Kamer petitie preferentiebeleid aan

Nieuwsbericht: Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, 31 januari 2017
‘Verruim preferentiebeleid’

PW 1/2 - 13-01-2017 | door SFK
Prijzen generieke middelen dalen nauwelijks na 1,5 jaar

Persbericht, 23 december 2016
Hartstichting en ZonMw bundelen krachten in onderzoek naar betere behandeling van hartfalen en boezemfibrilleren

Reformatorisch Dagblad, 21 november 2016
Elk medicijndoosje zijn unieke code

BNR, 3 november 2016
Tekort aan reumamedicijn dreigt

Pharmaceutisch Weekblad, 28 oktober 2016 
Is generieke substitutie gewenst?

Pharmaceutisch Weekblad, 28 oktober 2016 
Duurzaamheidsplan goed voor milieu en apothekers 

Highlights uit rapport Simon-Kucher en Partners, september 2016
Aanbevelingen voor duurzame Biosimilars markt

MedNet, 20 september 2016
Biosimilars in de praktijk: waar staan we?

KIDV, 8 juli 2016
KIDV stelt brancheverduurzamingsplan 'Farmacie en zelfzorggeneesmiddelen' vast

PW24, 9 juni 2016
NHG: op stofnaam voorschrijven blijft

FirstWord Pharma, June 8th 2016
EULAR: The biosimilars are coming


PW, 3 juni 2016
Generieke creativiteit

NTvG, 1 juni 2016
KLINISCHE LES: Overstappen op een generiek geneesmiddel

Nieuwsbericht Rijksoverheid, 19 mei 2016
Schippers: extra inzet Lareb voor bewaken veiligheid biologische geneesmiddelen

Persbericht VWS, 10 mei 2016
Publiekscampagne over gevaren vervalste medicijnen

Nefarma, 9 mei 2016
Strijd tegen vervalsing geneesmiddelen

Pharmaceutisch Weekblad 6 mei 2016 | door SFK
Afwijking preferentiebeleid bij zesde deel verstrekkingen

May 2016, Pharmafocus
Biosimilars could save healthcare systems $100bn by 2020

CGR nieuwsbrief, 2 mei 2016
De CGR in 2015: In deze nieuwsbrief worden de activiteiten van de Stichting CGR in 2015 belicht

Financieele Dagblad, 26 april 2016
Prijzen van medicijnen spectaculair gedaald


Medicines for Europe, April 20, 2016
6 out of 10 Doctors Have Already Prescribed Biosimilar Medicines, According to EuropaBio Paper

Pharmaceutisch Weekblad, 18 maart 2016
Overleg betrokkenen nodig bij start insuline-biosimilar


Press release Medicines for Europe, 10 March 2016
EGA becomes Medicines for Europe

Press release EGA, 9 February 2016 
EGA welcomes the delegated regulation as a tool to fight counterfeit medicines

Pharmaceutisch Weekblad, 5 februari 2016
Menzis: meerdere fabrikanten preferent per geneesmiddel 

Pharmaceutisch Weekblad - 5 februari 2016
‘Superlage prijzen uit systeem’ 

Pharmaceutisch Weekblad - 5 februari 2016
Nú structurele oplossing

Nederlands Tijdschrift voor Allergie & Astma, jaargang 15, nr. 5
Kun je biosimilars maken van originele antistofgeneesmiddelen?
Van concept naar klinische praktijk

Medicijnbalans.nl, 21 december 2015
Themajournaal uitwisselbaarheid biologische geneesmiddelen, waaronder insuline glargine

farma-magazine.nl, 17 november 2015
Van erkenning naar vertrouwen
Bogin-Nieuwe Zorg-Apotex symposium


Bogin-nieuwezorg-Apotex symposium 2015
Video Martin Favié over nieuwe naam Bogin

Persbericht EGA, November 5th 2015
Transparency and objectivity essential for access to biological medicines

EGA film, 29 september 2015
Biosimilars: een kans voor de gezondheidszorg

Pharmaceutisch Weekblad, 18 september 2015
Biosimilars

Medical Facts, 18 september 2015
Sandoz opent biofarma-fabriek van 150 miljoen in Oostenrijk

NOS, 2 september 2015
Plan om goedkopere medicijnen te promoten

Pharmacetisch Weekblad 3 augustus 2015
Teva koopt Allergan

Persbericht EGA, June 16th 2015
New IMS Report highlights the importance of generic medicines in sustaining European healthcare systems

Persbericht EGA, June 10th 2015
Delivering health equality and sustainable access to medicines for patients in EU and worldwide

Persbericht EGA, June 9th 2015
The European Parliament votes for jobs in the EU generics and Biosimilar medicines industries

Medz, 26 mei 2015
Ontwikkelingen preferentiebeleid zorgverzekeraars
Menzis stelt prijs vast en wijst leveranciers aan

Pharmaceutisch Weekblad, 8 mei 2015
Aandeel generiek stijgt boven de 70%

Persbericht EGA, May 5th 2015
Joining forces to promote universal access to health

Persbericht EGA, April 23rd, 2015
2015 EBG Biosimilars conference focuses on enhancing stakeholder understanding and acceptance of Biosimilars

Pharmaceutisch Weekblad, 9 april 2015
‘Drug rediscovery moet voor de fabrikant wel lonend zijn’

Pharmaceutisch Weekblad, 9 april 2015
Menzis wijzigt preferentiebeleid door aanbesteding op de prijs

Pharmaceutisch Weekblad, 9 april 2015
CBG formuleert voorwaarden voor biosimilars

Video EGA Generics, 23 maart 2015
Biosimilar medicines: an opportunity for healthcare

Persbericht EGA, 9 maart 2015
First US FDA Biosimilar medicine approval; infliximab - A significant milestone for patient access

Persbericht EGA, 5 maart 2015
EGA introduces it's code of conduct for the European generic and Biosimilar medicines industries

Pharmaceutisch Weekblad, 26 februari 2015
Specialisten: geen bezwaar tegen biosimilars

Pharmaceutisch Weekblad, 20 februari 2015
Artsen moeten ervan overtuigd raken dat biosimilars werkzaam en veilig zijn

Uitnodiging
Uitnodiging ZonMw Congres - Goed gebruik Geneesmiddelen 2015

pw.nl, 29 januari 2015
Eerste biosimilars van tweede generatie op de markt

Persbericht EFPIA & EGA, 16 december 2014
Research and Generic/Biosimilar Industries Call for Integrated Life Sciences Strategy for Europe

Statement EGA, 8 december 2014
EGA statement on ‘GVK BIO’ EU Referral

Persbericht EFPIA & EGA 9 december 2014 
Research and Generic/Biosimilar Industries Join Forces against Counterfeiting

Persbericht EGA, 4 december 2014
EGA strongly supports European medicines agency position on Biosimilar labelling

EGA persbericht, 18 november
European antibiotic awareness day: an opportunity to promote good prescription practices for antibiotics

pw.nl, 13 november 2014
Verzekeraar remt substitutie tweedelijnszorg

knmp.nl, 12 november 2014
Motie PvdA/GL over transparante medicijnprijzen aangenomen

European Voice, 7 november 2014
Interview with Adrian van den Hoven, EGA Director General, at EV Healthcare

Persbericht EGA, 4 november 2014
Biosimilars increase access for patients across Europe

Pharmaceutisch Weekblad 31 oktober 2014
EU beschermt patiënt met harde privacyregelgeving

Persbericht EGA, 28 oktober 2014
Biosimilar medicines will be a driver for sustainability in healthcare across Europe

KNMP site 22 oktober 2014
Kritieke geneesmiddelen moeten te allen tijde beschikbaar zijn

pw.nl - 20 oktober 2014
‘Preferentiebeleid in ziekenhuis is onwettig'

Persbericht EGA, 15 oktober 2014
EGA calls upon the who INN expert group to generate different options for the proposed biological qualifier

Persbericht EGA, 3 oktober 2014
Fostering Biosimilars in France in cooperation with stakeholders

www.pw.nl - 19 september 2014
Schippers prijst apothekers om aanpak medicijnentekorten

Rapport Berenschot - 19 september 2014
Impact van geneesmiddelentekorten voor patiënten
Commissiebrief over tekort aan voorgeschreven geneesmiddelen

Pharmaceutisch Weekblad, 29 augustus 2014
Bogin-voorzitter Martin Favié: ‘De markt vraagt om preferentiebeleid 2.0’
‘Geneesmiddeltekorten zijn eenvoudig op te lossen’

PW.nl, 28 augustus 2014
Meldactie problemen preferentiebeleid

Pharmaceutisch Weekblad, 7 augustus 2014
Medicijnuitgaven dalen in Nederland sterker dan in West-Europa
€ 34 minder voor medicatie

Press release EGA, 15 July 2014
Market share of generic medicines to reach 60% in Portugal

Pharmaceutisch Weekblad, 11 juli 2014 
Switchen

Press release EGA 9 July 2014
EGA calls on the commission to conduct fully-fledges effect analyses on patent settlements

Press release EGA, 9 July 2014
European Biosimilars group re-appoints strong leadership team

Pharmaceutisch Weekblad, Jaargang 149 Nr 26, 26 juni 2014
80% antidepressiva generiek

Press release EGA, 26 June 2014
Contribution to a healthier Europe

Press release EGA, 25 June 2014
Industry welcomes translated versions of the European consensus document on Biosimilar medicines

Press release EGA, 12 June 2014
Study revealse factors supporting sustainable European Biosimilar medicines market

Medisch Contact, 5 juni 2014

'Oude' medicijnen kans voor zeldzame ziektes

Press release EGA, 4 June 2014
Generic and biosimilar medicines should be key components of country specific recommandations for health

Press release EGA, 4 June 2014
World health assembly resolutions to improve access to biotherapeutic products and to strengthen regulatory systems are a positive step forward!

Press release EGA, 28 May 2014
Regulatory cooperation in generic & biosimilar medicines: an opportunity for Japan and the EU

EGA video
Annual conference - Madrid (25-27 June 2014)

Press release EGA, 26 May 2014
Connecting the Dots, Accessing Patients Workshop at the EGA’s 20th Annual Conference

NRC Handelsblad, 22 mei 2014
Het gaat fout met die steeds wisselende geneesmiddelen

ZonMw congres - Goed Gebruik Geneesmiddelen, gepubliceerd 19 mei 2014
Martin Favié: 'Om oude vertrouwde geneesmiddelen te kunnen gebruiken voor nieuwe indicaties, nieuwe ziektebeelden moet dit interessant genoeg zijn om in te investeren.'

Press release EGA, 19 May 2014
Towards a healthier society?

Persbericht CGR & GMH, 15 mei 2014
Praktische voorlichting over regels CGR en GMH via website en app

Press Release EFPIA & EGA 15 May 2014
Pharmaceutical Industry Associations Join Forces for an Integrated European Industrial Policy for Pharmaceuticals at the European Business Summit

Pharmaceutisch Weekblad, 8 mei 2014 - SFK cijfers
Leveringsproblemen houden aan

Pharmaceutisch Weekblad, 10 april 2014 - SFK cijfers
Prijzen april beperkt lager

EGA persbericht, 9 april 2014
EGA president Nick Hagger wants partnership with Italian government for sustainability of healthcare

EGA persbericht, 8 april 2014
The European healthcare community is partnering to address universal access to health as a priority for the forthcoming European Parliament

Bogin presentatie GGG congres, april 2014
Drug rediscovery   

Bogin presentatie GGG congres, april 2014
Drug rediscovery -financieringsmodellen, criteria, voor- en nadelen

EGA persbericht, 4 april 2014
The European Biosimilars Group calls upon national authorities and medical societies to actively engage in reducing the knowledge gap about bioimilar medicines

EGA persbericht, 2 april 2014
Generic & biosimilar medicines: going for quality export leadership

EGA persbericht, 27 maart 2014
EGA calls for single market measures to remove barriers to generic medicines

Pharmaceutisch Weekblad, 20 maart 2014
70% verstrekkingen generiek

EGA persbericht, 19 maart 2014

Remove barriers to competition & free trade to boost the generic medicines industry

ZonMw Nieuwsbericht
ZonMw congres: Goed Gebruik Geneesmiddelen 2014

Actal 18 februari 2014
Regeldruk preferentiebeleid

Nieuwsuur 24 januari 2014
Chaos rond Ranbaxy pillen

Nieuwsuur 23 januari 2014
Wereldhandel in goedkope pillen

EGA persbericht, 23 januari 2014
Austerity must prompt strategic regulatory rethink for generic medicines industry

Pharmaceutisch Weekblad, 10 januari 2014
Biosimilars: goed voor de patiënt en het zorgbudget

Pharmaceutisch Weekblad, 10 januari 2014
Ook twijfel bij biosimilars - Innovaties zullen kostenbesparingen belemmeren

Farma-magazine 8 november 2013
Martin Favié van de Bogin: We hebben lef nodig!

Persbericht EGA, 31 oktober 2013
EGA calls on EU regulators to rapidly adopt revised general Biosimilars guideline

Pharmaceutisch Weekblad, 24 oktober 2013
Nog altijd forse leveringsproblemen

Pharmaceutisch Weekblad, 18 oktober 2013
Aanbesteden kan ook anders - ‘Benoem meer gunningscriteria dan alleen de prijs’

Persbericht EGA, 9 oktober 2013
EGA's vision of the future for the generic and biosimilar medicine industries in Europe

Persbericht EGA, 2 oktober 2013
New EGA president Nick Haggar to address industrial policy conference of the future of the generic and biosimilar medicines industries

Persbericht EGA, 16 september 2013
Promising outcome of EU platform on access to medicines in Africa

Persbericht EGA, 11 september 2013
The countdown has begun: the first two biosimilar monoclonal antibodies are now approved for marketing Europe

Pharmaceutisch Weekblad, 6 september 2013
Meldactie NPCF: veel problemen door preferentiebeleid

Persbericht EGA, 2 september 2013
Adrian van den Hoven appointed as new Director General of the European Generic Medicines Association (EGA)

Medicijnbalans.nl, 27 augustus 2013
Verstandig aanbesteden: een zorg minder

Pharmaceutisch Weekblad, 23 augustus 2013
Preferentiebeleid is dwalende

Generics Bulletin, 9 augustus 2013
Reddy's will opt out of tenders in Europe

Generics Bulletin, 9 augustus 2013
Actavis ponders European sell-off

Geneesmiddelen Bulletin, juli 2013 jaargang 7 nr 7
Bio-equivalentie en substitutie van generieke geneesmiddelen  

Volledige nieuwsberichten 

Parool, 3 april 2018

Goedkoop is duurkoop bij merkloze medicijnen
Geneesmiddelen: Apothekers moeten steeds vaker nee verkopen

In Nederland zijn medicijnen met regelmaat uitverkocht. De oplossing voor dit probleem is een algehele prijsverhoging voor medicijnen, aldus Guus Schrijvers. Gezondheidseconoom en oud-hoogleraar public health bij het Universitair Medisch Centrum Utrecht.

Het komt steeds vaker voor dat geneesmiddelen niet te leveren zijn. In Nederland gebeurde dat 81 maal in 2004. Dit getal groeide jaarlijks, tot 647 in 2016; 54 keer per maand of ongeveer tweemaal per dag. Merkloze pillen zijn daarbij relatief vaker niet leverbaar dan medicijnen van bekende fabrikanten. Naar verhouding komt dit nee-verkopen vaker voor in Nederland dan in de buurlanden. Dit alles staat in een rapport dat eind 2017 is uitgebracht door adviesbureau Berenschot.

Als een geneesmiddel is uitverkocht, levert dat irritatie op bij patiënten. Zij krijgen dan andere pillen dan gebruikelijk met soms andere inneeminstructies of andere hoeveelheden van de werkzame stof per pil. Apothekers moeten regelmatig overleggen met huisartsen of ze iets anders mogen leveren. Een heel gedoe. De oorzaak dat steeds vaker tekorten optreden, ligt in de lage vergoeding in Nederland. Apotheken en hun groothandel willen zo min mogelijk geneesmiddelen op voorraad houden. Dat is duur vanwege kosten van opslag in een gekoeld magazijn. Verder bederven medicijnen na verloop van tijd: wie te veel voorraad heeft, dient de pillen weer te vernietigen. e tweede reden is dat internationale fabrikanten Nederland geen aantrekkelijke markt vinden: ze verdienen meer in de buurlanden. Als er wereldwijd tekorten ontstaan, leveren zij liever aan andere landen dan het onze. Ten slotte worden merkloze medicijnen vaak geproduceerd in verre landen met lage lonen. De productieprocessen daar zijn niet altijd op orde. Dan kan het gebeuren dat een fabrikant niet kan leveren, ook al stonden daarover dwingende bepalingen in contracten.

Prijsverhoging
De oplossing voor het uitverkocht raken van geneesmiddelen is een algehele prijsverhoging van gewone medicijnen. Ik heb het niet over heel dure medicatie. Nederland kan trots zijn op zijn lage kosten van medicijnengebruik per inwoner en de kwaliteit van de apotheken. Maar ons land is te ver gegaan: voor een dubbeltje op de eerste rang zitten, is er hier niet bij. Voor een dubbeltje is een land internationaal als laatste aan de beurt bij het uitdelen van medicatie. Apothekers verdienen tegenwoordig redelijk, maar geen tonnen. Voor elk doosje pillen ontvangt de apotheker een apart tarief van de verzekeraar. Dat komt bovenop de vergoeding van de prijs voor het geneesmiddel zelf. De overige 13 procent van hun inkomsten ontvangen apothekers als winst. Het maken van winst op geneesmiddelen door een apotheker vind ik ethisch onjuist. Professionals dienen niet te verdienen op middelen; hebzucht verdringt professionele drijfveren die gericht zijn op verbeteren van de gezondheid van patiënten.

Grootgebruikers 
Voor de meeste Paroollezers is een apotheek een plek waar assistenten etiketjes op doosjes plakken en die meegeven aan patiënten die vaak een tijd moeten wachten. Dat beeld is onjuist.

Apothekers hebben twee soorten klanten. De incidentele patiënten, die langskomen voor bijvoorbeeld een antibioticakuur en de grootgebruikers: mensen met chronische aandoeningen, psychiatrisch patiënten of ouderen die meer dan vijf geneesmiddelen per dag innemen. Deze groep is financieel het belangrijkst.

Aan de grootgebruikers bieden apothekers vele aanvullende diensten waarvoor nauwelijks tarieven bestaan, zoals ervoor waken dat geneesmiddelen op elkaar inwerken, bevorderen van therapietrouw, huisbezoek aan patiënten, instructies in de apotheek over de wijze van toediening en het omgaan met bijwerkingen, overleg met huisartsen over de recepten.  

Volgende maand komt de Koninklijke Nederlandse Maatschappij ter bevordering van de Pharmacie (KNMP) met een voorstel om voor deze aanvullende diensten aparte tarieven in te stellen en het tarief voor de terhandstelling tegelijkertijd te verlagen. Nu maar hopen dat instanties en politieke partijen dit voorstel omarmen en meteen ook die andere problemen van uitverkocht raken van pillen en winstmakende apothekers aanpakken.

PW, 22 maart 2018
'Met biosimilars potentieel € 350 miljoen besparen’
KNMP-regiobijeenkomsten in teken van geneesmiddelsubstitutie

De grootste kans op nocebo-effecten bij negatieve communicatie en een potentiële besparing van € 350 miljoen door biosimilars. Dit komt aan bod tijdens de vijf KNMP-regiobijeenkomsten van 20 februari tot en met 8 maart.

“Het wisselen van geneesmiddel is een gevoelig moment voor het ontstaan van nocebo-effecten”, zegt Fabian Wolters, onderzoeker aan Universiteit Leiden tijdens zijn presentatie. Nocebo-effecten zijn behandeleffecten, die niet toegeschreven kunnen worden aan het geneesmiddel. De effecten ontstaan doordat patiënten bij een nieuw merk onbewust een andere verwachting hebben, waardoor het minder goed werkt en ze meer bijwerkingen ervaren. Wolters geeft apothekers tips om nocebo-effecten te voorkomen. Zo kunnen ze risicopatiënten identificeren door te vragen naar verwachtingen en eerdere ervaringen met het medicijn. Nocebo-effecten treden minder op als de nadruk in de communicatie ligt op de positieve effecten. Wolters: “In plaats van ’10% ervaart problemen’ is het beter om te zeggen ‘de meerderheid ervaart geen problemen’.”

Biosimilars
“Met biosimilars kunnen we potentieel € 350 miljoen besparen op jaarbasis”, aldus prof. dr. Arnold Vulto, ziekenhuisapotheker en bestuurslid van de stichting Biosimilars Nederland. Biosimilars zijn geen exacte kopieën, maar goed lijkende versies van biologische geneesmiddelen. Om de besparing te bereiken, moeten artsen, apothekers en patiënten wel bereid zijn biosimilars te gebruiken. Een gebrek aan kennis staat dit in de weg. De stichting Biosimilars Nederland heeft als doel deze informatieachterstand weg te werken, aldus Vulto tot zijn gehoor. Het verschil tussen biosimilars en generieke geneesmiddelen zit in het ontwikkel- en registratieproces. Een generiek geneesmiddel kan op de markt worden gebracht nadat bio-equivalentie is bewezen aan een farmaceutisch identieke kopie. Het ontwikkel- en registratietraject van biosimilars moet aantonen dat er geen significante verschillen met de originator zijn in kwaliteit, veiligheid en effectiviteit. De focus bij de opbouw van het registratiedossier ligt op analytische en preklinische aspecten. Het ontwikkelproces wordt afgerond met een klinische studie met een relatief kleine patiëntengroep. Klinisch onderzoek is niet noodzakelijk voor alle beoogde indicaties als het onderliggende mechanisme hetzelfde is. “Biosimilars zijn goede, veilige geneesmiddelen. Patiënten kunnen overstappen, maar van belang is dat dit altijd in samenspraak gebeurt met de arts én patiënt. Hierbij is de klinische monitoring van de patiënt essentieel”, aldus Vulto.

Handleiding geneesmiddelsubstitutie
De herziene KNMP-handleiding geneesmiddelsubstitutie en -omzetting is naar schatting gereed in de zomer van 2018. De handleiding omschrijft de geneesmiddel- en patiëntgebonden factoren die van invloed zijn op de substitueerbaarheid van geneesmiddelen. “Houd je minimaal aan de KNMP-handleiding en wissel niet bij indicaties en situaties die hierin zijn genoemd, zoals longpatiënten. In de overige gevallen geldt: informeer patiënten goed, overleg en beperk het aantal wisselingen zoveel mogelijk. En wissel maximaal bij één geneesmiddel tegelijkertijd”, aldus Xana van Jaarsveld van het Longfonds.

Persbericht Berenschot, 7 maart 2018
Versoepeling preferentiebeleid is gewenst  

Het preferentiebeleid raakt de beschikbaarheid van geneesmiddelen. Dat vergroot risico’s van het wisselen van medicatie, zoals medicatiefouten en een lagere therapietrouw van de patiënt. Daarom is een versoepeling van het preferentiebeleid nodig. Dit staat in een vandaag verschenen rapport van Berenschot.

Het adviesbureau stelt vast dat geneesmiddeltekorten relatief vaker voorkomen bij preferent aangewezen geneesmiddelen. Daarom moet het preferentiebeleid gemonitord worden, beveelt Berenschot aan. Bij terugkerende tekorten dient het preferentiebeleid te worden versoepeld en vereenvoudigd. Verder pleit Berenschot ervoor de lijst van geneesmiddelen waarvoor preferentiebeleid geldt te beperken.

“Voor een doorontwikkeling van het preferentiebeleid pleiten wij al langer”, stelt voorzitter Gerben Klein Nulent van de KNMP. “We ervaren dagelijks in de apotheek dat de patiënt hinder ondervindt van het preferentiebeleid. Het zijn de apothekers die continu met veel kunst- en vliegwerk aan oplossingen moeten werken.” Samen met patiëntenorganisaties bood de KNMP vorig jaar een petitie aan voor een preferentiebeleid waarin zorgverzekeraars na twee jaar niet langer één maar vier of vijf middelen aanwijzen als preferent.

Berenschot komt tot de conclusie dat Nederland meer tekorten heeft dan andere landen in Europa en dat dit mogelijk samenhangt met lage geneesmiddelenprijzen, een kleine markt en een hoog gebruik van generieke geneesmiddelen. Dit wordt bevestigd door afname van het aantal fabrikanten per geneesmiddel, ondanks de toename van nieuwe leveranciers. “Lage prijzen en een onzekere, niet flexibele markt maken Nederland minder aantrekkelijk voor generieke geneesmiddelfabrikanten”, stelt Bogin-voorzitter Martin Favié. “Voor goedkope generieke geneesmiddelen betalen we daarom de prijs dat er bij een een tekort niet meteen andere producenten klaar staan om dit op te vangen. Met meer flexibiliteit, zoals het rapport aanbeveelt, kunnen we sneller oplossingen vinden.”

Het Berenschot-rapport is opgesteld in opdracht van de KNMP, de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (VIG) en de BOGIN, de brancheorganisatie van Biosimilars en generieke geneesmiddelenfabrikanten. Betrokken organisaties willen gezamenlijk kijken hoe ze de nadelige effecten voor de patiënt kunnen beperken.

Pharmaceutisch Weekblad 7, 16 februari 2018
Kankertherapie stuk goedkoper met de komst van biosimilars
4 gelijkwaardige varianten in aantocht voor borstkankermiddel trastuzumab

door Cindy Reinders

Van drie veel gebruikte oncolytica – rituximab, trastuzumab en bevacizumab – zijn of komen binnenkort de eerste biosimilars beschikbaar. Hiermee kan een enorme besparing worden gerealiseerd. “Uitleg aan oncologen over het ontwikkelmodel van biosimilars is daarvoor van belang”, stelt internist Anton Franken. “Zo is niet voor elke indicatie klinisch onderzoek nodig.”

Grofweg € 100 miljoen valt te besparen met de komst van de eerste oncologische biosimilars, rekent dr. Anton Franken snel uit. De secretaris van de Initiatiefgroep Biosimilars Nederland (IBN) en internist in Isala in Zwolle loopt de tabel met geneesmiddeluitgaven van 2016 na en telt de kosten van rituximab, trastuzumab en bevacizumab – de middelen waarvoor biosimilars er net zijn of aankomen – bij elkaar op. “Bijna € 200 miljoen in totaal”, constateert hij. “En als we uitgaan van een kostenreductie van 50%, zoals we zagen bij de biosimilars van de TNF-alfaremmers, kom ik uit op die € 100 miljoen. Daarmee kunnen we vele extra patiënten behandelen.”

De eerste twee biosimilars van rituximab – Truxima en Rixathon – kwamen vorig jaar beschikbaar. Voor trastuzumab zijn momenteel vier biosimilars in aantocht. Ontruzant ontving eind november als eerste goedkeuring van de Europese Commissie. Specialisten kunnen het dit voorjaar, verwacht Franken, gaan voorschrijven.

Een besparing op bevacizumab zal echter pas vanaf 2022 kunnen worden gerealiseerd. De Europese Commissie gaf onlangs goedkeuring aan het biosimilar Mvasi maar het patent op het innovatorproduct Avastin loopt in Europa nog vier jaar door, terwijl het in de Verenigde Staten in 2019 afloopt.

Biosimilars mogen pas op de markt komen als de marktexclusiviteit van het innovatorproduct is verlopen. Sommige geneesmiddelen worden omgeven door een web van beschermende patenten, legt Franken uit, waardoor de afloopdatum minder scherp is afgebakend. Dit leidt tot rechtszaken waarbij de fabrikant van het innovatorproduct soms een deal sluit met de firma’s die biosimilars maken. “Iets dat we hier ook steeds meer zien. Eerst speelde dat vooral in Amerika. Daar zijn dan ook minder biosimilars verkrijgbaar dan in Europa.”

Extrapolatie

De biosimilars zijn inmiddels in Nederland, onder meer voor de behandeling van reuma, redelijk geaccepteerd. “Maar het totale aandeel van biosimilars, dat zo rond de 30 tot 40% ligt, kan nog wel omhoog”, vindt Franken. “Voor oncologen en hematologen zijn biosimilars nieuw en moet het vertrouwen groeien.”

“Voor een goede uptake, moeten we ze dus goed uitleggen hoe ze worden geregistreerd. Daarover is nog te weinig kennis bij specialisten en apothekers. De nadruk ligt namelijk niet op het aantonen van effectiviteit – we weten van het origineel al dat het werkt – maar op het onderbouwen van (bio)chemische en farmacologische gelijkwaardigheid van het biosimilar met het innovatorproduct. Klinische trials zijn daarom beperkt nodig. Ook omdat bij de registratie van biosimilars het principe geldt: extrapolatie van indicaties.”

Hij legt uit: “Herceptin bijvoorbeeld – het innovatorproduct van trastuzumab – is geregistreerd voor vroege stadia van borstkanker, gemetastaseerd borstkanker en uitgezaaide maagkanker. Toont een fabrikant aan dat zijn biosimilar gelijkwaardig is aan het referentieproduct bij patiënten met vroege borstkanker, en net zo veilig, dan is dat voldoende om ook registratie te krijgen voor de andere twee indicaties. Mvasi is alleen onderzocht bij longcarcinoom, maar net als Avastin geregistreerd voor zeven oncologische indicaties.”

Wat bij de implementatie van oncologische biosimilars nauwelijks een issue zal zijn, verwacht Franken, is het switchen. “Want deze middelen hebben een relatief korte behandelduur. Bij de behandeling van reuma of diabetes heb je te maken met chronische therapie; daarbij is overstappen zinvol. Maar bij een patiënt met maagkanker die drie kuren met het origineel heeft gehad en er nog drie moet, kun je je dat afvragen.”

Stoeltijd
“De toedieningsweg zal wel meewegen in de beslissing om al dan niet een biosimilar te geven”, vervolgt hij. “Van de innovators MabThera en Herceptin zijn sinds een paar jaar ook subcutane toedieningen op de markt; de biosimilars hiervan zijn alleen geschikt voor intraveneuze toediening.”

Er zijn ziekenhuizen die hebben gekozen voor de subcutane vorm omdat dat goedkoper zou zijn dan de intraveneuze. Uit onderzoek blijkt onder meer dat de toedientijd van subcutaan Herceptin bijvoorbeeld ongeveer een uur korter is dan intraveneus waardoor patiënten op de dagopname eerder naar huis kunnen, oftewel hun ‘stoeltijd’ is korter. Ook maakt de apotheek de subcutane vorm elf minuten sneller voor toediening gereed [1].

Franken: “De € 93 die je daarmee bespaart, zorgt wel voor een halvering van de bereidings- en toedieningskosten (€ 169 voor intraveneus versus € 76 voor subcutaan), maar bedraagt slechts een paar procent van de totale kosten. Die worden vooral bepaald door de prijs van het geneesmiddel. Daarbij maakt het weinig uit of het de intraveneuze of subcutane vorm betreft (€ 1654 respectievelijk € 1651).”

“Krijgen patiënten de subcutane injecties thuis – wat steeds meer voorkomt bij oncologische behandelingen – dan vraag ik me af of dit goedkoper is. Want dan moet een verpleegkundige op huisbezoek. Dat is wel patiëntvriendelijk, maar van oncologen hoor ik ook terug dat lang niet iedereen dit prettig vindt. Ze spreken geen lotgenoten en beschouwen het ziekenhuis als een veiliger plek dan de thuissituatie.” 

De Initiatiefgroep Biosimilars Nederland houdt op donderdag 12 april in de Doelen in Rotterdam een symposium over biosimilars in de oncologie en hematologie. Zie voor meer informatie www.biosimilars-nederland.nl.

‘Scholing nodig om acceptatie te vergroten’
“Om de acceptatie van biosimilars te vergroten, is scholing van professionals in de zorg een eerste prioriteit”, zegt Anton Franken, bestuurslid van de Initiatiefgroep Biosimilars Nederland (IBN) en internist in Isala in Zwolle. Daarom heeft IBN samen met het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik op verzoek van het ministerie van VWS een scholingsplan geschreven: Biosimilars op Maat. Momenteel ligt dit ter beoordeling bij VWS.

Het project wordt gesteund door de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen en de Nederlandse Federatie van Universitaire Medische Centra. “Ziekenhuizen kunnen zich, als er groen licht komt van VWS, vrijwillig aanmelden.”

Literatuur
Franken M, Kanters T, Uyl-de Groot C. Insights into healthcare and societal costs of subcutaneous injection and intravenous infusion of trastuzumab for HER2 positive breast cancer and rituximab for non-Hodgkin’s lymphoma in The Netherlands. https://www.imta.nl/assets/uploads/2017/12/Abstract-IMTA_2017_1205.pdf 

ZonMW, nummer 67, januari 2018
Ontwikkelingen in ronde Drug Rediscovery
Column Martin Favié 

In mijn videoboodschap van eind november heb ik toegezegd u regelmatig te informeren over de ontwikkelingen op het gebied van drug rediscovery binnen ZonMw en daarbuiten. Dit keer wil ik u een overzicht geven van de ontwikkelingen binnen ZonMw, in de drug rediscovery rondes.

De eerste rediscovery subsidieronde is inmiddels afgerond en wij hebben vier projecten kunnen honoreren, met veelbelovende toepassingen van bestaande medicatie voor patiënten op de IC, patiënten met erfelijke bloedarmoede of de ziekte van Crohn en patiënten met een chronisch subduraal hematoom. De onderzoekers zijn inmiddels gestart met hun projecten en we zullen de voortgang nauwlettend en met belangstelling volgen.

Voor de tweede rediscovery ronde hebben we halverwege september 17 projectvoorstellen ontvangen waarvan de commissie er 6 een positief advies heeft gegeven om het voorstel nader uit te werken. Uit het hoge aantal inzendingen in deze, en de voorgaande, ronde blijkt dat dit onderwerpt leeft in Nederland. Bij de beoordelingen van de projectvoorstellen zijn belangrijke criteria, naast een goede wetenschappelijke aanpak, het plan van aanpak voor het verder brengen van de resultaten na afloop van het onderzoek en de relevantie voor patiënten. Dit laatste heeft een groot gewicht, het is dus van belang dat de aanvragers dit goed uitwerken en bij voorkeur ook patiëntvertegenwoordigers betrekken bij het onderzoek.

Een ander belangrijk punt is dat in rediscovery projecten wordt toegewerkt naar registratie voor de nieuwe indicatie. Veel onderzoekers en behandelaren vragen waarom dat zo belangrijk is. Als we aantonen dat het werkt en het wordt opgenomen in de richtlijnen dan is dat toch voldoende?

Wij zijn van mening dat registratie niet alleen gewenst is voor een goed oordeel over de balans tussen werking en bijwerking en een goede borging van de kwaliteit maar ook dat informatie over deze indicatie voor de patiënt beschikbaar is, bijvoorbeeld in de bijsluiter. Ook de geneesmiddelbewaking (de farmacovigilantie) wordt door het registratieproces vormgegeven. Dat is ook de reden dat ik trots ben te kunnen aankondigen dat in de tweede rediscovery ronde we een nauwe samenwerking hebben opgezet met het CBG en het Zorginstituut. In deze ronde krijgen alle projectgroepen met een positief advies een aanvullend advies van het CBG. Op die manier kunnen de projecten zo goed mogelijk voorbereid worden op uiteindelijke doorgeleiding van de resultaten naar de klinische praktijk en registratie van het middel voor de nieuwe indicatie. Tijdens de looptijd van gehonoreerde projecten zullen zowel het CBG als het Zorginstituut de projectgroepen nogmaals van advies voorzien. Ik zie uit naar het moment dat we kunnen gaan beoordelen wat deze samenwerking extra heeft opgeleverd voor de projecten.

In mijn volgende column komt een projectleider van een rediscovery project aan het woord. Mocht u na het lezen van deze column vragen, ideeën of tips hebben met betrekking tot drug rediscovery dan kunt u mij dit laten weten via geneesmiddelen@zonmw.nl.

Martin Favié

knmp.nl, 11 januari 2018
KNMP-regiobijeenkomsten 2018 in teken van geneesmiddelsubstitutie

De KNMP-regiobijeenkomsten staan dit jaar in het teken van geneesmiddelsubstitutie. Onderwerpen als biosimilars, het patiëntenperspectief en het nocebo-effect zullen de revue passeren. De reeks bijeenkomsten vindt plaats van 20 februari t/m 8 maart in de regio’s Assen, Amsterdam, Eindhoven, Arnhem en Dordrecht.

De intrede van de biosimilars, zoals insuline glargine, biedt een nieuwe groep geneesmiddelen die vraagt om goede begeleiding bij overstappen. Bij generieke geneesmiddelen zijn er, naast geneesmiddeleigenschappen, ook patiëntkenmerken die geneesmiddelsubstitutie medisch onverantwoordelijk maken. Hierbij wordt aandacht besteed aan het broertje van het placebo-effect: het nocebo-effect.

  

ZonMW, nummer 66, november 2017
Martin Favié: 
Drug Rediscovery

"Met Drug Rediscovery proberen we te onderzoeken of oude, vertrouwde geneesmiddelen ook bij andere ziektebeelden kunnen worden ingezet."

Een bestaand geneesmiddel gebruiken voor een nieuwe toepassing, oftewel Drug Rediscovery, biedt kansen en mogelijkheden. Het programma Goed Gebruik Geneesmiddelen stimuleert nieuwe initiatieven op dit gebied. Om meer aandacht te genereren voor dit belangrijke onderwerp start Martin Favié, voorzitter BOGIN en voorzitter van de programmacommissie Drug Rediscovery, met een terugkerende column of videoboodschap. 

  

Follow the money, 13 juli 2017
Wat maakt onze zorg zo duur? - Welke prijs betalen we voor goedkope medicijnen?

In het dossier 'wat maakt onze zorg zo duur?' doen wij onderzoek naar de zorgkosten. Ieder jaar geven we met z'n allen weer meer geld uit aan de gezondheidszorg, zelfs veel meer dan onze buurlanden doen. We zijn gefascineerd door dit verschijnsel en willen daarom de komende maanden diepgravend onderzoek verrichten. Hierbij vormen bureaucratie, verspilling en onzinnige zorg centrale thema's. De prangende vragen kunnen we niet alleen beantwoorden. Door middel van het Zorgpanel doen wij geregeld een beroep op onze lezers. Meld je daarom vandaag nog aan voor ons panel. Stuur tips, informatie en beantwoord de wekelijkse vragenlijst. Alleen samen kunnen we het verschil maken.

Welke prijs betalen we voor goedkope medicijnen?
PIETER VAN DER LUGT

Dure geneesmiddelen houden de gemoederen bezig. Van Trump tot Edith Schippers, overal klagen politici over exorbitante prijzen. Maar de meeste medicijnen in Nederland zijn juist zo goedkoop dat er busladingen Belgen op af komen. Hoe zit dat? En is het wel zo mooi als het klinkt?

In Zeeuwse apotheken komen ze regelmatig, maar zoveel als afgelopen mei zie je toch niet vaak. Vierhonderd Belgen stapten in de bus om net over de grens hun medicijnen te kopen. Uit protest: de prijzen liggen bij onze zuiderburen namelijk een stuk hoger.

Reken het maar na: kost een doosje paracetamol in Nederland één euro, de Belgen moeten er het zesvoudige voor neerleggen. Aripiprazol, een antipsychoticum, krijg je hier mee voor 12 euro; over de grens kost het 153 euro. Drugstoerisme lijkt daarmee in Zeeland te zijn ingeruild voor een buitenlandse run op goedkope generieke geneesmiddelen.

WAT ZIJN DIE GENERIEKE MIDDELEN?

De laatste jaren is er wereldwijd veel ophef over de exorbitante prijzen van geneesmiddelen. Voor nieuw ontwikkelde producten zijn bedragen van honderdduizend euro per patiënt per jaar geen uitzondering. Dergelijke kosten zetten nationale zorgbudgetten steeds meer onder druk; President Trump beschuldigde de farmaceutische industrie vanwege de prijzen al eens van moord.Is het patent van geneesmiddelen echter eenmaal verlopen, dan stort de prijs in elkaar. In Nederland kost een merkloos — maar even effectief — ‘generiek’ product gemiddeld 85 procent minder dan het merkproduct van de originele patenthouder. Een behandeling met een generiek middel kost een schijntje: gemiddeld € 2,57 per maand. Zo’n driekwart van alle medicijnen die apothekers in Nederland verstrekken valt in deze categorie.

Want wat blijkt: in vergelijking met omringende landen liggen de prijzen van generieke middelen in Nederland een stuk lager. De Belgen zouden maar liefst 480 miljoen euro kunnen besparen als het land voor de 25 duurste generieke medicijnen Nederlandse prijzen rekende, zo becijferde de actievoerende Belgische huisarts Dirk Van Duppen. Maar waar komt dat verschil vandaan? En kent het lage prijsniveau ook een keerzijde?

Aanbestedingen
‘Kiwi hier, kiwi daar, kiwi overal. Luister naar de mensen, want in Holland kan het al’. Op de maten van Jingle Bells hieven de hamsterende Belgen in Zeeland een protestlied aan. De kiwi in het liedje verwijst naar Nieuw-Zeeland: het land behaalde via openbare aanbestedingen flinke prijsverlagingen.

‘In Nederland kan het ook al,’ zongen de Belgen
Dat werkt zo: zijn er even goede middelen op de markt voor een bepaalde kwaal, dan wijst een overheidsorganisatie voor een periode van drie jaar één voorkeursmedicijn aan dat wordt vergoed. De overige aanbieders vallen buiten de boot. Niet de huisarts bepaalt daardoor welk medicijn wordt voorgeschreven, maar een wetenschappelijke commissie. En omdat het hele land onder de aanbesteding valt, worden geneesmiddelenproducenten gedwongen een zo laag mogelijke prijs te bieden. 

In Nederland kan het ook al, zongen de Belgen. Ons land probeert inderdaad op een vergelijkbare manier de kosten van patentvrije geneesmiddelen te drukken. Het verschil: niet de overheid, maar de zorgverzekeraars zelf bepalen via het preferentiebeleid welk medicijn zij vergoeden. Gezamenlijk hebben de verzekeraars 875 voorkeursmiddelen aangewezen als zogeheten ‘preferente middelen’. 

Belgische bezwaren
Het preferentiebeleid heeft, samen met het stellen van een wettelijke maximumprijs, tot flink lagere prijzen geleid. Het totaalpakket aan prijsdrukkende maatregelen voor generieke medicijnen heeft sinds 2004 geleid tot een besparing van 3,9 miljard euro, zo schatte het Zorginstituut Nederland. Politieke keuzes hebben dus grote invloed op het prijsniveau voor deze medicijnen. 

Toch kan de voorgehouden besparing van een 480 miljoen euro de Belgische regering niet overhalen tot het aanwijzen van voorkeursmedicijnen. Minister voor Volksgezondheid Maggie de Block kon de busreis — georganiseerd door de socialistische partij PVDA — dan ook allerminst waarderen. De reden? Het preferentiebeleid kent een paar belangrijke keerzijden. 

De lage medicijnprijzen in Nederland leiden tot tekorten
Om haar bezwaren kracht bij te zetten, maakte De Block dankbaar gebruik van een opmerkelijke uitspraak die staatssecretaris Martin van Rijn deed, een week na de Belgische actie in Zeeland. Volgens Van Rijn zijn sommigen geneesmiddelen in Nederland té goedkoop: volgens de staatssecretaris leiden de lage prijzen tot tekorten, omdat ‘het niet aantrekkelijk is om bepaalde medicijnen te produceren.’ 

Martin Favié, voorzitter van Bogin, de belangenclub van producenten van generieke geneesmiddelen, legt uit hoe dat kan: ‘Het inkoopbeleid van de zorgverzekeraars zorgt voor een combinatie van lage prijzen en onzekerheid. Een producent weet namelijk nooit zeker of de verzekeraar zijn middel na een periode opnieuw aanwijst als voorkeursmiddel. Producenten, maar ook groothandels en apothekers, houden daardoor hun voorraden laag.’ 

Favié stelt dat een klein oponthoud of probleem bij de producent in Nederland — in tegenstelling tot in andere landen — al gelijk leidt tot een leveringsprobleem. ‘Hogere marges geven producenten de ruimte voor het aanleggen van grotere voorraden.’ Landen als België kunnen leveringsproblemen daardoor beter opvangen. Die kans op tekorten is voor de Belgische Minister van Volksgezondheid een belangrijk bezwaar.

200.000 keer per week
Het probleem lijkt inderdaad aanzienlijk: uit cijfers van de Stichting Farmaceutische Kengetallen (SFK) blijkt dat het 200.000 keer per week voorkomt dat een Nederlandse apotheker een voorkeursmiddel niet kan leveren. "Het komt 200.000 keer per week voor dat een Nederlandse apotheker een voorkeursmiddel niet kan leveren" 

Dit aantal is echter al jaren stabiel en levert geen al te grote problemen op: als een middel niet leverbaar is, kunnen apothekers een vergelijkbaar middel verstrekken, het uit het buitenland importeren, of het middel desnoods zelf bereiden. Voor patiënten zijn de tekorten vooral irritant: zij krijgen telkens een ander doosje, of moeten wennen aan een ander geneesmiddel. Mocht er écht geen alternatief middel beschikbaar zijn, dan kan de overheid altijd nog ingrijpen. Ondanks dat de tekorten op het oog gigantische proporties aannemen, zijn de problemen voor patiënenten in de meeste gevallen dus te overzien. 

De meeste klachten over het beleid komen dan ook uit de hoek waar de klappen zijn gevallen: de besparing van 3,9 miljard euro is vooral op het bordje gekomen van apothekers, groothandels en producenten. Zij zagen hun inkomsten de afgelopen jaren verdampen; de marges voor medische groothandels en producenten slonken hard. Nu zij zelf niet meer met de industrie onderhandelen, verloren apothekers ook hun omvangrijke inkoopbonussen. 

In de Belgische onwil tegenover het overnemen van Nederlands beleid speelt ook nog een ander bezwaar: de Nederlandse markt is door alle prijsdrukkende maatregelen een stuk onaantrekkelijker geworden voor producenten. Er valt haast geen droog brood meer te verdienen, zeker niet als een middel niet door een verzekeraar wordt vergoed. 

‘In bestuurskamers wordt Nederland gezien als het land met lage prijzen, lage marges en kleine volumes’ Van alle keren dat er in Nederland een middel van de markt wordt gehaald, heeft volgens apothekersorganisatie KNMP 70 procent een economische reden. In een periode van acht jaar gaat het om 500 middelen. Favié herkent dat beeld: ‘Producenten zijn natuurlijk internationale spelers. In die bestuurskamers wordt Nederland gezien als het land met lage prijzen, lage marges en kleine volumes.’ 

Banen
Voor een land met een serieuze farmaceutische industrie is een onaantrekkelijke markt geen prettig vooruitzicht. De Belgische regering is dan ook bang dat de 35.000 banen in de sector op de tocht komen te staan als de prijzen te ver zakken. Volgens De Block wordt er geklaagd dat het preferentiebeleid ‘de weinige farma-industrie die daar [Nederland, red.] nog bestaat, wurgt en dat hoofdkantoren zich genoodzaakt zien de Nederlandse filialen te sluiten.’ 

Nederland geniet van goedkope generieke geneesmiddelen, maar betaalt daar wel een zekere prijs voor. Een prijs die andere regeringen niet willen betalen. Bovendien tonen de lage tarieven hoe slecht de markt voor geneesmiddelen tegenwoordig functioneert: aan de ene kant van zijn nieuwe middelen bijna onbetaalbaar, terwijl aan de andere kant de markt voor goedkope middelen door bodemprijzen wordt verstoord. Dat is geen gezonde basis voor de toekomst. Wie een echt duurzame markt voor geneesmiddelen wil, moet niet alleen dure medicijnen aanpakken, maar ook oog hebben voor de problemen aan de onderkant van de markt. 

OVER DE AUTEUR: Pieter van der Lugt 

Europese Commissie, 26 juni 2017
'Wat moet ik weten over biosimilarseen informatiedocument voor patiënten

FD, 15 juni 2017
'Toekomst van Nederlandse farma ligt in ingewikkelde dingen'

De productie van geneesmiddelen dreigt uit Nederland te verdwijnen, zo waarschuwde eerder deze maand het advies- en accountantskantoor PwC. Verdwijnen uit heel Nederland? Nee hoor. In Noord-Holland is nog een fabriek die dapper stand houdt.

Een werknemer van Teva Haarlem in 'astronautenpak'.Foto:Teva

Boven de geel-blauwe vesting van Ikea torent in het zuidwesten van Haarlem nog een heel ander gebouw uit. Een enorme witte blokkendoos. Daarop staat in grote letters te lezen: Teva Pharmachemie. Het Nederlandse bedrijf is een dochteronderneming van het grote Israëlische farmaconcern Teva, specialist in generieke medicijnen, dat wil zeggen medicijnen die uit patent gelopen zijn.

In de blokkendoos en de omringende gebouwen werken liefst 750 mensen, die middelen tegen kanker (cytostatica voor chemokuren) en astmamedicijnen maken. In een van de gebouwen verzekert Hans Dalderop, directeur Operations van Teva Haarlem, dat productie van medicijnen in Nederland absoluut toekomst heeft, ‘mits we de ingewikkelde dingen doen’.

'We zijn te duur voor standaardpillen'
In complexere medicijnen zoekt de Nederlandse Teva-dochter ook zijn toekomst. ‘Voor de standaardpillen zijn we te duur.’ Dus heeft het bedrijf fors geïnvesteerd in de ontwikkeling van nieuwe toedieningsvormen van de kankermedicijnen, met name door het chemische gif te koppelen aan nanodeeltjes. Die nieuwe aanpak kan de bijwerkingen van een chemokuur fors verminderen.

Maar vanzelf gaat het allemaal niet, erkennen Dalderop en algemeen directeur Hennie Henrichs. Afgelopen jaren is hard gewerkt om de efficiency van het bedrijf te verbeteren. En zelfs nu dat is gelukt, is er sprake van onzekerheid doordat het moederbedrijf Teva zich in een lastig parket heeft gemanoeuvreerd.

Veel te dure overname
Het heeft er alle schijn van dat Teva zich twee jaar geleden — in de overnamegekte die de farmaceutische industrie soms kenmerkt — het hoofd op hol heeft laten brengen. Het Israëlische concern betaalde $40 mrd voor de generieke medicijnentak van Allergan. Achteraf veel te veel geld, zeker gezien het feit dat de prijzen voor generieke medicijnen sterk onder druk staan.

Het gevolg is geweest dat de beurskoers van Teva is gedaald tot onder de $30, tegen $70 twee jaar geleden. De gedaalde koers heeft weer geleid tot een uittocht van topmanagers, inclusief de allerhoogste baas. Het wacht is nu op de aanstelling van een nieuwe ceo, die niet zal ontkomen aan ingrijpende beslissingen.

‘Het productieproces vraagt om hoogstandjes’ Hans Dalderop, directeur Operations van Teva Haarlem

Teva Haarlem staat niet te koop. Nog niet. Om de schuldenlast van het concern terug te dringen, heeft het interim-management in Israël al sommige antikankermedicijnen die in Europa worden gemaakt, te koop gezet. Het gaat niet medicijnen uit Haarlem, verzekeren Dalderop en Henrichs. Met andere woorden: Teva Haarlem staat niet in de etalage. Althans, nog niet.

Mocht het wel zo ver komen, dan staat het Nederlandse bedrijf er in ieder geval een heel stuk beter voor dan een paar jaar geleden. In 2015 had Teva Haarlem het nog moeilijk. Vijftig medewerkers moesten vertrekken, omdat de vraag naar de medicijnen tegen kanker terugliep. Maar in de twee jaar daarna is het perspectief sterk verbeterd.

Alles om besmetting te voorkomen
‘We kwamen in een spiraal naar boven terecht’, zegt Dalderop. Eerst nam de Amerikaanse vraag naar chemokuren sterk toe, dankzij de goedkopere euro, en vervolgens wist het bedrijf de efficiency sterk te verbeteren. Uiteindelijk daalden de kosten per eenheid product met veertig procent. En de Haarlemse fabriek groeide uit tot de op twee na efficiëntste vestiging van Teva, in een speelveld van meer dan zeventig deelnemers.

‘Medicijnen zijn te goedkoop’
Algemeen directeur Hennie Henrichs van Teva Haarlem heeft een lastige boodschap te vertellen. Dat is dat medicijnen in Nederland niet te duur zijn. De meeste medicijnen zijn juist veel te goedkoop. Dat zit zo: Het Israëlische farmaconcern Teva is in Nederland marktleider in het segment van de generieke medicijnen – de medicijnen waarop geen patent meer zit en die vooral door de huisartsen worden voorgeschreven. Het overgrote deel – 78% - van de medicijnen die in Nederland wordt gebruikt, is generiek. ‘Gemiddeld kosten die medicijnen €2,22 voor een doosje met dertig tabletten’, zegt Henrichs. ‘Als je ergens een kop koffie bestelt en je krijgt er een koekje bij, dan ben je meer kwijt.’

Het zogenoemde preferentiebeleid, waarbij zorgverzekeraars in principe kiezen voor het goedkoopste medicijn, is volgens Henrichs doorgeslagen. ‘Er komt nogal wat kijken bij de productie van een geneesmiddel. We moeten een dossier ontwikkelen, registratie aanvragen, reacties van patiënten bijhouden, dat is nog wel wat anders dan een kop koffie serveren.’

Het gevolg van de lage prijzen is dat Nederland in toenemende mate te kampen heeft met medicijnen die niet leverbaar zijn, inclusief cruciale medicijnen als bepaalde antibiotica. Zulke tekorten zijn lastig op te vangen. ‘De productie van medicijnen is geen kraan die ik openzet, en dat er dan meer water uitkomt. Uitbreiding van de productie is een moeizaam en traag proces.’

Binnen in fabriek gelden uiterst strenge regels — alles om besmetting met bacteriën of andere ongerechtigheden te voorkomen. Alle werknemers lopen rond met haarnetjes en speciale kleding, ook bij de etiketteermachines en verpakkingslijnen. Nog dieper in de fabriek waar de medicijnen worden gemaakt, is bezoek niet meer welkom — vanachter een glaswand is te zien hoe de werknemers als een soort astronauten productielijnen in orde brengen.

Hoogstandjes zijn nodig
Dat de weg naar boven is ingeslagen, blijkt ook uit het feit dat op het Haarlemse bedrijfsterrein een nieuw, zwart gebouw is opgeleverd. Hier gaat Teva Haarlem stapsgewijs de productie van zijn astmamedicijnen onderbrengen.

In de grote witte blokkendoos komt ruimte vrij, die mogelijkheden biedt om de productie van medicijnen tegen kanker uit te breiden. Het liefst met de nanovariant. Het Haarlemse bedrijf heeft afgelopen jaren vele miljoenen geïnvesteerd in de ontwikkeling van eigen, generieke varianten van de medicijnen, nu de patenten op de techniek zijn verlopen.

‘Het productieproces vraagt om hoogstandjes’, zegt Dalderop. ‘Maar we zijn er doorheen gekomen. We kunnen deze medicijnen robuust en betrouwbaar maken. Ze zijn stabiel. De vraag is nu of de Amerikaanse toezichthouder, de FDA, onze middelen gaat goedkeuren.’

Als de goedkeuring er eenmaal is, kan Teva Haarlem de nieuwe medicijnen in productie nemen en dus de concurrentie aangaan met de producenten van het eerste uur, waaronder Celgene. De kunst is dan het medicijn zo efficiënt mogelijk te produceren, zodat de prijs naar beneden kan. Henrichs: ‘Dat is ons bestaansrecht als generieke producent: innovatie betaalbaar houden. Anders explodeert de boel qua kosten.’

Medicijnbalans, 1 juni 2017
Zonder goede informatie gaat het niet lukken
Gastcolumn Martin Favié

Tien jaar geleden werden de eerste biosimilars op de Nederlandse markt geïntroduceerd: somatropine, epoëtine en filgrastim. Deze producten werden in de eerste jaren na introductie nog maar weinig voorgeschreven, vooral omdat apothekers en artsen onbekend waren, en soms nog zijn, met het concept achter biosimilars. In de beginjaren is er ook te weinig correctie informatie verstrekt om artsen en patiënten te helpen bij het opbouwen van vertrouwen en begrip voor de nieuwe producten. De arts is immers de spil om de patiënt goed te informeren zodat de patiënt het geneesmiddel accepteert. Om begrip, en daarmee het vertrouwen, te creëren is wetenschappelijke en objectieve informatie over biosimilars cruciaal.

Vanuit ervaring ontwikkeld
Voor het beoordelen van werkzaamheid en veiligheid van een geneesmiddel baseert de arts zijn mening op uitgebreide klinische gegevens. Althans, voor nieuwe geneesmiddelen geldt dat de arts overtuigd wil worden door de klinische feiten. Maar een biosimilar is geen nieuw geneesmiddel, de werking en mogelijke bijwerkingen zijn al bekend van het referentiegeneesmiddel. Want een biosimilar wordt "achterstevoren", vanuit ervaring ontwikkeld. De kern van de ontwikkeling van een biosimilar is namelijk uitgebreid vergelijkend onderzoek, de gelijkwaardigheidsprocedure (comparability exercise). De fabrikant toont in deze gelijkwaardigheidsprocedure farmaceutisch-analytisch aan dat de eigenschappen van biosimilar en referentieproduct gelijkwaardig zijn wat betreft kwaliteit, veiligheid en effectiviteit. Deze gelijkwaardigheid wordt daarna bevestigd in een klinisch onderzoek bij de meest gevoelige indicatie. Deze biosimilar pathway registratieprocedure is anders dan de voorschrijver gewend is bij de introductie van nieuwe geneesmiddelen. Voor de (ziekenhuis)apotheker ligt hier, door zijn farmaceutische kennis, dan ook een belangrijke rol als adviseur.

Informatie is essentieel!
Steeds meer biologische geneesmiddelen raken uit patent. Dit opent de markt voor de introductie van biosimilars, waardoor de toegankelijkheid van deze geneesmiddelen verbetert en er budget kan worden vrijgemaakt voor andere zorginnovaties. Voor steeds meer verschillende ziektebeelden komen er biosimilars beschikbaar. In de praktijk zien we dat het kennis- en ervaringsniveau over biosimilars bij zorgverleners daardoor verschillend is. Het is heel belangrijk dat 'nieuwe' behandelaren en zorgverleners óók goed op de hoogte raken van het biosimilar concept. Pas dan kan een patiënt goed begeleid worden.  Er is dus constante informatie en educatie over biosimilars nodig, want uit onderzoek blijkt dat zorgverleners die zich hiermee vertrouwd voelen uitstekend in staat zijn biosimilars goed te implementeren.

Dat goede informatie helpt bij de opname en acceptatie van biosimilars blijkt uit het "Biolike initiative" in Duitsland. In de regio Westfale-Lippe werden er afspraken gemaakt over een gezamenlijk informatie- en advies concept. De regio werd daarna vergeleken met de rest van Duitsland. Het zal u niet verbazen, het gebruik van biosimilars in Westfale-Lippe is constant hoger dan in de rest van Duitsland. Oordeelt u zelf, hoeveel extra patiënten kunnen daarvoor behandeld worden?

Gerichte en meer specifieke informatie voor medisch specialisten, gespecialiseerde verpleegkundigen, ziekenhuisapothekers en assistenten over het gebruik van biologische - dus ook biosimilars - geneesmiddelen is dus van essentieel belang.

Patiënten
Laten we het vooral niet vergeten. Het gaat om goede patiëntenzorg! Door zorgverleners in de eerste en tweede lijn te trainen kunnen die op hun beurt patiënten goed begeleiden en patiëntvragen eenduidig beantwoorden. Ook is het van belang dat patiënten goede en begrijpelijke informatie ontvangen en kunnen nalezen. Laten we dus de handen ineen slaan om gezamenlijk goede, doelgroep gerichte, informatie te ontwikkelen en aan te bieden. Bogin zal nog voor de zomervakantie, speciaal voor patiënten een website openen met duidelijke en objectieve informatie over hun biosimilars: www.uwbiosimilars.nl.  Wij houden u op de hoogte!

pw.nl 31 mei 2017
CBG-publieksfolder over spécialité en generiek

Wat zijn generieke medicijnen, wat zijn de verschillen met het spécialité, is er verschil in werking en is wisselen veilig? Dat zijn enkele vragen die aan bod komen in de folder ‘Antwoorden op vragen over merkloze medicijnen’, van het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG).

CBG-publieksfolder over spécialité en generiek
Met de folder wil het CBG het vertrouwen van patiënten in generieke geneesmiddelen wil vergroten en het goed gebruik ervan hoopt te bevorderen. Zeven van de tien medicijnen die patiënten op recept ophalen bij de apotheek zijn merkloos.

“Generieke medicijnen zijn net zo werkzaam en veilig als de originele medicijnen, maar niet iedere patiënt is hetzelfde”, stelt CBG-voorzitter Bert Leufkens. “Minder wisselen, goede voorlichting en het bieden van een oplossing op maat als een patiënt klachten heeft, versterkt het vertrouwen in de medicijnen en het goede gebruik ervan.”

Met de folder biedt het CBG een handreiking aan apothekers die dagelijks vragen van patiënten krijgen over merkgeneesmiddelen en merkloze medicijnen. Naast feitelijke informatie over generieke geneesmiddelen komen in de folder ook de praktische kanten van het wisselen van spécialité naar generiek aan bod: is er verschil in werking, kan ik veilig wisselen en wat te doen bij klachten?

Het CBG heeft de folder gemaakt in samenwerking met onder meer de Consumentenbond, de Patiëntenfederatie Nederland en een aantal patiëntenorganisaties, waaronder het Longfonds. Ook de KNMP, het NHG en bijwerkingencentrum Lareb hebben een inhoudelijke bijdrage geleverd. De folder is te downloaden op de site van het cbg-meb.nl of door hier te klikken of te bestellen via communicatie@cbg-meb.nl.

<span s